Het journaal

29 10 2009

Welkom bij het Zwaffelijzer-journaal van iets na kwart voor middernacht

voor diegenen die het nog niet opgemerkt zouden hebben (klik zeker hier of hier of zelfs hier), de eregalerij is aangepast. Enkele knakkers hebben we vaarwel gezegd, maar niet getreurd, we hebben er ook meer dan waardige vervangers voor gevonden.

Verder is er vanaf nu ook een ratingsysteem voor de blogs. Waarom? simpelweg omdat het kan! En uiteraard ook omdat de doorsnee mens te lui is om te reageren op een bericht, tenzij in het desbetreffende bericht minstens 24 hardcore-foto’s staan van pornosterren in wiens lijf doorgaans meer plastic zit dan in het gemiddelde playmobilventje. Elke ster die gegeven wordt zullen we doneren aan een West-Vlaams meisje naar willekeur (om even een oude koe uit de gracht te halen)

Verder nieuws is dat er weldra nog meer nieuwe blogs zullen volgen zodat eenieder van jullie zijn/haar hartje naar hartenlust kan ophalen.

Tot Zwaffels en vergeet niet te raten, anders komen wij hoogst persoonlijk naar je huisje, binden je op je bureaustoel vast en smeren we je in met filet américain.. waarna we een horde uitgemergelde soedanese kindertjes loslaten in je kamer.

Vrede zij met u!

*Katsjing*





Een boterham met kaas

25 10 2009

Een verkouden man heeft het doorgaans niet onder de markt in deze barre tijden. Stel je maar eens voor dat je op het punt staat Oost-Timor binnen te vallen, en net voor je het lemmet van je sabel in de darmstreek van je tegenstander ploft, gutst het snot uit je beide neusholtes. Prettig is anders, en je kan er donder op zeggen dat de Oost-Timorezen zich een breuk zullen lachen. Donder! En zie daar, je slaat een mal figuur.

Let op je dekking, want hij slaat terug! Boksen is een nobele sport. Het is weliswaar opvallend dat onze gekleurde medemens daar enorm begaafd in is. Zij poeieren hun blanke tegenstanders vaak met een groot gemak af. Tenzij we een sabel hebben. Dat wordt dan weer teniet gedaan als we een loopneus hebben.  ZOEF! Wat was dat? Een loopneus!

Geen abstracte vunzigheden in deze blog, het is namelijk zondag. Op zondag wordt de vroomheid geëerd en worden de kleine dingen des levens gerespecteerd. Op zondag is er geen plaats voor zompige vagina’s, beäderde penissen en wiebelende tietjes. NEEN! Op zondag speelt men met de kaarten, wordt er naar de mis gegaan, wordt er al eens een daguitstapje naar Leeuwarden ondernomen, of naar Heusden-Zolder. Er wordt hardop gelachen met de ochtendlijke aflevering van Samson & Gert, een boterham met kaas gegeten, een zakdoek wordt volgesnoten en jawel, hier en daar wordt er zelfs een blogje volgepend.

Een welgemeende “wees gegroet” en tot Zwaffels!





Het eendenkuiken

21 10 2009

Als er enige vorm van leven heilig is voor ons, noeste maarschalken uit de literaire UGC-wereld (user generated content, nvdr.), dan is het wel dat van het eendenkuiken. Elke frisse jongeman zou zich dagelijks moeten ontfermen over het welzijn van één dezer wezentjes in plaats van al zijn lichaamsholtes kaal te scheren. Het scheren van lichaamshaar zorgt voor overdreven jeuk en aldaar de meesten onder ons niet constant een koffielepel op het lijf dragen om ermee te scharten, is dit niet bijster aangenaam.

Daarom beste medemens, verzoeken wij met klem om van heinde en verre te reageren op de volgende oproep: “Vrees ende schuw de dood niet, want den Duits bevindt zich wederom in onze contreien. Neen, dit maal niet om dood ende verderf te prediken onder het Vlaamsche plebs. Niet om de soppende vagina’s van onze toekomstige echtgenotes bruut ende beurtelings uit te boren. Neen! NEEN zeg ik u! Den Duits heeft zich ditmaal verborgen in de donkerste hoeken onzer geliefde vaderland en wel met de duivelse intentie om alle eendenkuikens uit te moorden! HET EENDENKUIKEN! de geliefde drager van onze maatschappij. De fundamenten van de wereld hoe wij haar altijd gekend hebben! En wij laten dat niet gebeuren!

Laatst waren wij getuige van de gezwinde pas waarmee een fier eendenkuiken paradeerde door een authentiek Belgisch woud.  Zijn donzige veertjes dijde op en neer bij elk pasje dat het vertederende wezen zette. Wij hadden het lief. Met een gezonde blos op onze wangen en een glimlach wijd verspreid over ons gelaat aanschouwden wij onze gevederde vriend. Onze harten vervulden zich met een zeldzame warme gloed.

Tot een woeste Duitse majoor uit het braamstruikgewas kwam gesprongen en met zijn bajonet in het fragiele eendenkuikenlijfje boorde. Onthutst keerden wij onze blik vol walging af van het tafereel. Het hulpeloze gepiep van het weerloze eendenkuiken baande zich razendsneleen weg naar ons gehoor. Oh, wat hoopten we stiekem op een volksreferendum om deze weg op te blazen. De pijn van het eendenkuikentje nestelde zich in onze hoofden. Het schokkende beeld van het bloed op zijn donzige veertjes zal voor altijd op ons netvlies gebrand staan.

Om dergelijke taferelen in de toekomst te vermijden roepen wij u allen op om stipt 14:12 te verzamelen op het marktplein te Kalmthout, kaalgeschoren en in complete oorlogsuitrusting! Want het regenwoud, dat moet nu maar eens gered worden!





De hunkerende jongeman en de niet zo gewillige deerne

16 10 2009

Laatstleden stond ik, wederom, te wachten in Heide-Statie op menig treinverkeer. De trouwe lezer is zich er wellicht reeds van bewust dat er nu een bijzonder nauwgezette uiteenzetting zal volgen over de horden negermesjes die passeerden, de shetland pony-populatie in België en Gunther Levi. Doch ontglipte al dit moois deze zeldzame keer aan mijn geprikkelde zintuigen. Ik was immers getuige van een markant sociaal fenomeen:

Getooid in de typische traditionele kledij die bij deze marginale subcultuur hoort, kwam een authentieke marina het perron opgehuppeld. Met de witte sweaterkap, die uit haar gouden bomberjas stak en over haar blonde manen was getrokken (het regende immers), kwam ze aan mijn zijde staan in het overdekte wachthokje. De arrogantie droop er van af en mijn zevende zintuig schatte haar op een leeftijd van 14 jaar en 53 dagen. U kan al raden dat mijn krakende hersenpan razendsnel tekeer ging om dit alles te verwerken tot een schitterende blog, maar er was meer…

In de verte kwam een lusteloze gedaante afgestrompeld. Ondanks de niet te onderschatten afstand wist ik al dat het een kleurloos individu betrof dat met de maatschappelijke verwerping flirtte. De jongeman wilde echter wel met iemand anders flirten…

Hij merkte de marina op en de hunkerende smacht in zijn fijngeknepen varkensoogjes sprak boekdelen. Gezien het hier een blog betreft laten we een uitvoerige beschrijving achterwege.

De marina heette niet Kimberly. Dat wist ik doordat de jongeman haar begroette met “Hallo Kelly”. Wat volgde was een waar schouwspel van naïviteit en arrogantie. De jongeheer deed nadrukkelijk zijn best om Kelly de marina voor zich te winnen maar zij kaatste telkens weer zijn hakkelende zinnen af. Met een onverscholen air wimpelde ze haar bewonderaar telkens weer af met botte reacties. Liefde maakt blind, zo blijkt, want elk woord dat zijn Platonische geliefde sprak toverde een nadrukkelijke smile op zijn afgrijselijke gelaat. Het was werkelijk niet aan te zien hoe groot die smile werd. De pus uit de etterbuilen rondom zijn mondholte sprongen er zowaar van over. Opnieuw, wie een gedetailleerde beschrijving wil is hier aan het foute adres.

Misschien moet Zwaffelijzer zich maar eens bezinnen om een onafhankelijke romancyclus uit te brengen.  De twee eerste delen zouden dan respectievelijk “Smacht” en “Pus” kunnen heten.

De interactie doofde stilletjes uit. Er stond de jongeman niets anders te doen dan met hangende schouders huiswaarts te keren om een ballade op zijn alpenhoorn te spelen, terwijl Kelly de marina zich later die dag te goed zou doen aan de groene vingers van Koen De Bouw, maar daarover meer in de derde roman van de onafhankelijke cyclus ” Tuinman”, want dit was de blog, getiteld de hunkerende jongeman en de niet zo gewillige deerne.





Oeps!

9 10 2009

“jammer, maar helaas” sprak Piet.
“Inderdaad ,“ zo ondersteunde Herman de repliek van zijn gesprekspartner.
Waarover dit precies handelt zullen we wellicht nooit achterhalen. De literatuur heeft zo zijn geheimen.

Geheimen, dat is een mysterieuze materie. Een flesje Coca-Cola ook. Merk trouwens de naadloze overgang op tussen geheimen en een flesje Coca-Cola. Voor velen nietszeggend en abstract op het eerste zicht. Maar de rationele lezer maakt de link wel. Maar goed, tot zover dit absurd gewauwel.

Er gebeuren gekke dingen op de wereld, wist je dat al? Zo heeft Emad Atnas de Egyptische loterij gewonnen en Joris at een komkommer. Vrouwen houden van komkommers, maar dat is niet nieuw. Zolang ze het maar niet gaan gebruiken om hulpeloze mannen te verkrachten.
Want steeds vaker hoor je verontrustende berichtgeving over mannen die tijdens hun nachtelijke strooptocht naar vrouwelijk vlees het pad kruisen van dergelijke losgeslagen amazones. Het vervolg dat ruimschoots doorspekt is met talloze lichaamssappen en het inbrengen van groentensoorten laat ik passeren. Zwaffelijzer is immers geen forum voor seksuele pietluttigheden. Wie aan zijn leuter wil snokken kan zich bijvoorbeeld beter de Belgische topproductie FC de kapoenen aanschaffen.

Markant is het toch wel dat een succesfilm als FC de kapoenen niet op regelmatige basis wordt herhaald op de openbare omroep. Het televisielandschap is finaal om zeep. OM ZEEP ZEG IK U! en dan heb ik het niet over die teder zachte zeep van Herbal essences waarbij een naakte brunette in volle glorie kreunt terwijl een bonobo verlekkerd toekijkt.

Het is misschien al te merken, maar deze blog leidt nergens naar. Of misschien toch? Ik weet het zelf nog niet. Een middagje spenderen in het educatief multimediaal infocentrum te Plantijn heeft immers vaak een onzekere uitkomst. Wat ik wel met zekerheid kan zeggen is dat ik morgen een liefdesfeestje zal bijwonen met mijn wederhelft. Deze occasionele viering, ter gelegenheid van ons eenjarig samenzijn zal hier echter niet uitvoerig beschreven worden wegens het recht op privacy. En eigenlijk is dit zelfs geen zekerheid. Stel je maar eens voor dat ik morgen, bij het ontwaken wordt neergesabeld door een horde samoerais.
Nu, toegegeven, de populatie samoerais in België is dusdanig klein dat mijn vrees niet voldoende aangewakkerd wordt om het woord zekerheid achterwege te laten. En een niet nader genoemde jongedame ziet er niet slecht uit in bikini. Ze vertrouwde me zelfs toe dat ze weldra haar eigenste multimediaal platform op het wijde web gooit. Voor eenieder die graag de hand aan zichzelf legt: ALLEN DAARHEEN! En neen, haar naam blijft één der best bewaarde geheimen van de wereld, want de deerne in kwestie mag zich vol trots rekenen tot het exclusieve groepje waar ik werkelijk om geef.

Nu ja, mijn wilde plannen voor het weekend liggen dus al vast,en voor iedereen die nog niets gepland heeft raad ik aan om zijn televisietoestel in te schakelen op de kwaliteitszender Vijftv. Daar is wellicht een sterke film over een kindje met twee hoofden dat geboren is met de gekke koeienziekte doordat zijn moeder op een verloren gewaande winterdag vreemdging met Boer Teun. Het einde van de film verklappen we nog niet, maar iedereen sterft een dramatische dood.

Oeps!





Lapzwans

11 09 2009

Waar komen wij vandaan? Waar gaan we uiteindelijk naartoe? Wat is de zin van ons leven? Wat is goed? Wat is kwaad? Waarom bestaan er dwergen met dwergenpietjes die elkaar tot bloedens toe verticaal in de dwergenpoepjes nemen?
Jawel, u merkt het al wel. Vandaag bewandelt Zwaffelijzer een voorheen ongekend pad. Vandaag wagen we ons aan een filosofisch uitje. Maar het centrale thema is niet een van de, weliswaar bijzonder interessante, bovenstaande vragen..
Neen, we behandelen daarentegen een actueler thema. Een thema waarmee ik, uw Zwaffelijzer-gezant voor vandaag, rechtstreeks in aanraking ben gekomen.

Maar laat ons niet al te voortvarend van start gaan en beginnen bij het prille begin..
Ongeveer 13,7 miljard jaren geleden ontstond er uit niets iets. De oerknal.
Geheel terzijde merk ik trouwens op dat oerknal maar een raar woord is. Maar het dekt de lading behoorlijk goed.
Verticuteerapparaat is dan weer wel een leuk woord. Of roomsoes.
Laatst at ik een roomsoes’. Geef toe, het bekt lekker.
‘Laatst at ik een verticuteerapparaat’ klinkt eveneens aangenaam in de oren, alleen is het dan weer niet aangewezen om van het laatstgenoemde object te smikkel-smakkel-smikkelen. Hoewel, tuinmannen doen soms gekke dingen.

Soms doen ze zelfs zo gek, dat je denkt: wauw, dat is wel heel gek. Dat heb je vooral als je tuinman een pygmee is.
Een gouden tip, even tussendoor, als je tuinman een pygmee is (hoe groot is de kans? Maar toch, als schrijver dien je rekening te houden met alle mogelijke scenario’s…) dan kan je hem best een belletje om doen.
Geen koeienbel natuurlijk, want dan valt de arme pygmee om.
Waarom een belletje hoor ik je denken? O ja, ik hoor die hersenpannetjes tot hier krikkel-krakkel-krikkelen.
Maar goed, waar was ik gebleven? Want met al dat innig schrijver-lezer contact raak ik de draad weleens kwijt. Een rode. Met kleine witte vlekjes. Ik durf het soms wel de dalmatiërdraad met rode hond noemen. Maar niet luidop, en zeker niet in het openbaar!
Voor je het weet zit je in het zothuis.
Gekkenhuis.
Dulhuis.
Bladluis.
Een pygmee met een belletje, want anders vind je hem niet terug.
Tingelingeling!
Het is natuurlijk ook voor de veiligheid, want stel je maar eens voor dat je hem niet ziet en een boek op zijn bruine knikker laat vallen, of een kopje melk. Sjonge sjonge, dan heeft Herman pijn.
‘Wie’,zegt u? Ik hoor het weer krikkel-krakkel-krikkelen in mn oortjes.
Wel, ik herhaal het lekker niet! Had je maar beter moeten opletten, lapzwans! Lapzwans, Nog zo een leuk woord, vooral als je het 13 keer en half na elkaar zegt.
Lapzwans lapzwans lapzwans lapzwans lapzwans lapzwans lapzwans lapzwans lapzwans lapzwans lapzwans lapzwans lapzwans lapz.
En omdat ik in een goede bui ben, herhaal ik het wel: Herman. Een typische naam voor een pygmee.
Herman Baptiste-Soko. Of Jules, dat kan ook. De homo’s.
En nu kan je wel zeggen, ‘die Thierry schrijft me daar racistisch gebroddel’, maar niets is minder waar. Pygmeeën zijn immers geen ras apart. Ze zijn dan wel zwart, maar niet alle negers zijn immers pygmeeën. Sommige zijn wel twee meter hoog en geven je zo een klap met een houten balk. Ik let dus wel mooi op m’n tellen.

Trouwens ik kan ook links zwetsen hoor: revolutie, staking, rood rood ROOOOOOD!
Ziezo, ik kan weer afronden, maar niet zonder de ware moraal van dit schrijfsel: de jeugd is om zeep!





Leegheid

6 09 2009

De cynicus in mij komt weer naar boven als ik Dirk en Veerle op mijn televisietoestel hoor praten over de verbouwingen aan hun huis, en een kanaal verder reclame zie voor het zoveelste fitnesstoestel. Zuchtend zet ik mijn laptop maar op, op zoek naar fatsoenlijke porno. Na dit deugddoende intermezzo besluit ik een appel te eten en ga ik vrolijk online gamen. Al gauw word ik het beu om telkens weer te verliezen, en dus neem ik afscheid van de laptop en verwelkom ik de frisse buitenlucht. Ik gaap een man die zijn hond laat kakken in de voortuin van de buren aan, en schrik een jong kind op met mijn gehoest. Alweer een hartslag overgeslagen. Er is werkelijk geen moer te beleven buiten, dus ga ik naar een vriend. Deze blijkt echter niet thuis. ‘Wanneer ben je er wel eens, klootzak’, denk ik gedurende enkele milliseconden. Terug naar huis dan maar weer, waar het smerig is en er geen eten is. Ik ben verdomme te lui om te kuisen of naar de winkel te gaan. Maar eten is natuurlijk wel één van de weinige noodzakelijke bezigheden des levens, en bovendien iets dat ik zonder tegenzin doe. Vooruit dan maar, naar de winkel. Ik loop een bomma haast omver, haar gemompel bereikt mijn oren maar niet mijn ziel. Even later bliksem ik een man bijna dood met mijn blik terwijl hij in mijn weg staat. Aan de kassa is het weer wachten geblazen. De kassierster treuzelt te veel naar mijn zin, en ze kijkt verbaasd op als ik een duidelijke zucht slaak. Wat ik toen dacht, is niet voor herhaling vatbaar. Ik ben zowaar blij als ik terug thuis ben. Insecten zijn binnen gevlogen langs het raam, en de bureaulamp besloot te sterven. Op tv wordt er melding gemaakt van de toestand van vrouwenrechten in Afghanistan, en over een steekpartij in een lokale discotheek in Dendermonde. ‘Waarom vallen we niet met zijn allen dood’, vraag ik mij af. Het leven van een cynicus is niet gemakkelijk.





Fietsen in Kapellen

26 08 2009

Onlangs besloot ik een bezoek te brengen aan de Van Haeftenlaan in Kapellen. Terwijl de menigte hysterisch wordt van de comeback van een Limburgse tennisster die haar benen waarlijk ENORM kan spreiden, en een sjoemelende rechter met vreselijk kapsel, besloot ik de onbekende mens eens op te zoeken. En waar kun je anoniemer wonen dan godbetert de Van Haeftenlaan in Kapellen? Jongens toch, over een weggetje van niks gesproken, en bovendien vlakbij het treinspoor gelegen. Niet moeilijk dat de jonge vrouw die net haar uit haar woonst kwam, terwijl ik voorbij fietste, een zeer vermoeide blik in haar ogen had. Met andere woorden, toekomstige visites aan de Van Haeftenlaan staan niet meteen op het programma.

Na deze anticlimax vervolgde ik de fietstocht naar de Bunderbeeklaan, die voornamelijk uit één lang doordraaiende bocht bestond, zodanig dat ik na een tijd dacht: pas op beste Bunderbeeklaan, of zo meteen ga je jezelf anaal verkrachten. Doch zulk een vaart liep het niet. Uiteindelijk kwam ik uit op een straat zonder straatbord. Hoe willen ze in Kapellen in godsnaam het toerisme aanmoedigen, terwijl de straten zichzelf niet eens voorstellen? Met enig gevoel voor oriëntatie ging ik naar links, alwaar ik na een tijd op de Holleweg uitkwam: een bijzonder knus straatje, waar eindelijk enig spoor van de Kapelse agrarische sector te bezichtigen viel.

Even later zat ik alweer op de hoofdbaan, op korte afstand gevolgd door een voortdurend glimlachende negerin, en zelf rijdend achter een groepje amateurcoureurs die ik hoegenaamd niet kon volgen. De Bosdreef leverde eveneens weinig avonturen op, op een gapende rokende lezer op een bank na. Aan het einde van deze straat volgde een hartbrekende keuze: de Heidestraat-Noord of de Heidestraat-Zuid. Uiteindelijk sloeg ik in laatstgenoemde, ook omdat ik dan minder kans had om van mijn sokken gereden te worden door de talrijke Kapelse vierwielers. Zelf reed ik bijna iemand overhoop, te weten een jood die niet aan het opletten was terwijl hij midden op het fietspad liep, doch het gepiep van mijn remmen wakkerde hem op. Alweer een ongeluk vermeden!

Verder had de terugweg weinig om het lijf, op een licht corpulente man na die met een teleurgesteld gezicht naast zijn fiets wandelde op het fietspad. Wederom een fiets die nergens naar toe ging, bedacht ik, terwijl thuis steeds meer lonkte. Veel besluiten vielen er niet te trekken uit deze rit, doch het is eerlijk te zeggen dat Kapellen niet bijster veel om het lijf heeft. Voorlopig is het terecht dat Kim Clijsters meer aandacht verdient dan bijvoorbeeld de Van Haeftenlaan. Alweer een illusie minder.





Clochard met pruimen: een meesterwerk in wording?

19 08 2009

Terwijl ik een laatste maal mijn vingers liet kraken, startte mijn laptop zich op. Het zachte gezoem vulde de stille kamer. Het was al laat, maar de aanhoudende hittegolf maakte het nagenoeg onmogelijk om te slapen. Overal ter wereld, waar het nacht is althans, lagen talloze koppels reeds te ruften in hun eigen zweet.

Ik daarentegen ging regelrecht tegen de stroom in, want zonet had ik een geniale ingeving: ‘wat als ik nou eens een roman schreef?’. Het idee leek me best wel aardig en mijn wederhelft wijst toch steeds op het feit dat ik een onuitputtelijke fantasie heb. Plus, als langharig tuig als Herman Brusselmans, met kaken als een reliëfkaart van het Oeralgebergte, geld als slijk kan verdienen met zijn kut-lul-pis-kak-verhalen, waarom zou ik het dan niet kunnen?
Ik dacht na over de ingrediënten van mijn meesterwerk in wording. Terwijl ik word opende, dacht ik na over een pakkende titel, want daar begint toch alles mee, nietwaar?

Ik sloot mijn ogen en mijn handen gleden gezwind over het toetsenbord:  “koeien kunnen een aardig potje voetballen” verscheen er.

Ik fronste mijn beide wenkbrauwen. Koeien. Zo een uitgemolken onderwerp. Ik besloot algauw een ander pad te bewandelen en dacht aan mijn eigen leven. Misschien een bepaalde herinnering herwerken tot fictie? Dat zag ik toch ook niet direct zitten. Niet iedereen heeft immers affaire met mijn privé-leven. De inspiratie was er nog niet helemaal, dus ging ik maar eventjes cruisen op TrackMania. Een online racespelletje. En daar kreeg ik een geweldige ingeving toen ik onder een banner van “underworld’ scheurde met mijn bolide. Wat als ik nu eens een roman schreef, getiteld: “Clochard met pruimen”?

Geniaal.

Ik klopte mezelf op de schouder en ging stevig aan het werk. Het eerste hoofdstuk is trouwens al af en ondanks dat ik nog geen agent onder de arm heb genomen en jullie aldus nog geen publicatiedatum kan aankondigen ga ik toch al de laatste woorden van dat hoofdstuk verklappen: …en daarom hebben ook dwergen recht op anale seks.





Willekeurige gedachten tijdens het lezen over kennisleer

11 08 2009

Het doet zich af en toe eens voor dat ik de plotse neiging krijg om in mijn handen te klappen en intussen een onverstaanbaar kreetje uitslaak. Op zulk een moment raap ik opnieuw mentale energie bijeen om verder te lezen in het gemeenste boek dat ooit is geschreven, namelijk het boek dat handelt over contextuele zekerheden, kennis en haar dynamiek, en andere zaken waar de gemiddelde mens niet bepaald geil van wordt.

Hoe moet het verder, vraagt men zich af. Terwijl ik moederziel alleen haast letterlijk mijn tanden zet in het boek over kennisleer, blijft de wereld ronddraaien. De treinreiziger die reeds 18 minuten en 56 seconden in het station van Antwerpen-Berchem staat te wachten op zijn trein naar Brussel-Zuid heeft nu wel andere zorgen aan het hoofd dan de vrouw die een honderdtal kilometer verder in een Limburgs ziekenhuis aan het bevallen is van een drieling. Alweer 3 mensen die later kunnen klagen over de NMBS. Hun ouders zouden het niet meer meemaken: vader kon de bijzonder verrassende vaststelling dat de drie rasechte mulatjes waren niet aan en vermoordde dan maar zijn vrouw en zichzelf. Alweer een gezinsdrama in Vlaanderen, als het zo doorgaat blijven er straks geen gezinnen meer over om over te berichten, zeker nu een idiote varkensgriep ook in België haar intrede vindt en een hoop mensen uitmoordt.

Wat overigens ook overal haar ingang begint te vinden is het rookverbod. Vraag maar aan die treinreiziger van daarnet, die een enorme nicotine-aanval krijgt terwijl hij in het stationsgebouw geen sigaret mag opsteken en het buiten te hard regent om aldaar te roken. Bepaald hoffelijk zijn de antirooknazi’s niet, in die zin dat ze met hun negatieve attitude en loze woorden de lucht voor iedereen verpesten. Thans beginnen ze meer en meer op de joden te lijken: overbezorgd om de luchtkwaliteit in zelfs de gemiddelde douche, daarnaast iedereen wegjagend van hun territorium zodra ze enige macht krijgen, en tenslotte telkens weer een overdreven respons op de minste kritiek.

Opletten jongen, de cynicus in je komt weer naar boven, en hij toont zich alweer niet bepaald van zijn vriendelijkste kant. Doch eerlijk is hij wel, en dat is al heel wat in deze tijden van treinvertragingen, gezinsdrama’s en woeste joden. Alweer vele zaken waar gezwaffeld over kan worden. Maar nu dien ik weer in de handen te klappen en te roepen als had ik een chromosoom 21 teveel: de 2e examenzittijd wacht niet op mij, en ik eerlijk gezegd ook niet op haar.





Cultuur

12 04 2009

Al te vaak heeft men het in de volksmond over cultuur en dergelijke; kijk maar naar deze wonderbaarlijke blogsite. Nu, wat is in godsnaam cultuur? Is het 50-jarig koppel, dat al Frans sprekend zich naar de opera verplaatst, voorzien van monocle en een hautain lachje, bezig met cultuur? Zijn het een bende zingende idioten met een tandpasta-smile tot achter hun oren die een musical opvoeren? Is het een 40-jarig vrouwelijk wezen dat haar menopauze ziet aankomen en plots allerlei abstracte ‘gevoelens’ op een doek tekent? Of is het een peuter van 2 jaar die allerlei krabbels op de meubels plaatst, die zo geweldig cultureel bezig is? Ik zou het niet weten. Mijn grootvader zaliger plachte vaak te zeggen: ‘Vaak is er veel kul bij gemoeid en weinig tuur!’. En gelijk had hij verdomme!

Teneinde een hoofd te bieden aan deze kwestie pas ik dan de definitie van cultuur toe, zoals die mij is opgelegd door mijn hoogst alternatieve lerares van cultuurwetenschappen, gedurende 3 jaar. Deze definitie luidde: ‘Cultuur is een patroon van denken, voelen, handelen, dat eigen is aan een bepaalde groep en waardoor deze groep zich onderscheidt van andere groepen. Het gaat om een collectief aangeleerde programmering, en bevat een materiële, cognitieve en normatieve component.’ Nu worden we met een volgend probleem geconfronteerd, want met deze betekenis zou men ook Tokio Hotel als een cultuur kunnen beschouwen.

Het is dus duidelijk dat de definitie van lerares B. allerminst volstaat. Een zoektocht op de Nederlandse versie van ‘the free dictionary’ (ha, de wondere wereld van het internet!) leert ons de volgende 3 zaken:
1. Het verbouwen of verkweken (van iets) : fijn, dan behoort de volledige landbouwsector tot cultuur. ‘Zo, boer Teun, weer cultureel bezig vandaag? Ik zie dat die aardappelen er goed uitzien!’ Net als bij Tokio Hotel zeggen mijn menselijke instincten dat hier iets niet in de haak is.
2. Manier waarop een groep mensen met elkaar omgaat of leeft : vooruit dan maar, het uitmoorden van gekleurde jongeren in Londen is ook cultuur.
3. Het geheel van gebeurtenissen op het gebied van kunst, ontspanning en uitgaan : zo, dan doen veel jongeren die op vrijdagavond na de plaatselijke chirofuif in de gracht liggen te slapen eveneens aan cultuur! Bovendien komen we nu bij de volgende problematiek: wat is kunst?

Zoals u merkt zijn er veel conflicterende antwoorden die nieuwe problemen scheppen. Uiteindelijk is dat culturele gedoe een behoorlijk uitgebreide bedoening, waarbij zowat iedereen betrokken is: de 14-jarige fans van één of ander Duits transseksueel popgroepje, de boer die zijn akker ploegt in de nabijheid van een stel schijtende koeien, de racist die zijn Marokkaanse buurman neerschiet, de dronken jongeman die ligt te kotsen aan de zijkant van de weg. En zo hebben we allemaal weer het gevoel van eenheid, gezellig toch! In die zin deed dus ook de onbekende man die in de winkel plots tegen mij begon over het slechte weer eveneens aan cultuur. Doch ik verwijderde mij van deze kerel, die geen al te intelligente blik in zijn ogen had. Zo weigerde ik een fraai stukje cultuur, me hierover schamen doe ik echter niet.
Liever bloggen over Boxxy, rare dieren en zoveel meer, dan naar het weerbericht luisteren, me dunkt.





Groen kleurt schaamrood.

13 04 2009

Her en der wordt de brave burger bestookt met milieubewuste boodschappen. Wie is er nog niet lastiggevallen door de hordes Greenpeace-hippies op de Antwerpse Meir? Of wie is er nog niet gevraagd om een bijdrage te leveren aan het WNF of een andere milieubewuste organisatie om het voortbestaan van de Oost-Indische vuurmier te garanderen.

Nu, wij van Zwaffelijzer zijn fan van onze planeet. Enigszins aparte diersoorten liggen ons, zoals u wellicht reeds gemerkt hebt in onze vorige blogs, nauw aan het hart. Maar toch zijn wij niet te vinden voor dergelijke praktijken. Het is immers de manier waarop deze problematiek wordt aangehaald en vooral ook, de “mensen” waardoor dit wordt gedaan, dat de bevolking weinig bereid is de bevelen van onze beste boomneuker-vriendjes op te volgen. We schetsen even een situatie:

U kuiert gemoedelijk door de straten van Antwerpen, genietend van het prille lentezonnetje, op zoek naar onversneden schoonheid, in de vorm van pakweg een short met bloemetjesmotief, of een shirt met afbeelding van Eddy Wally. Plotseling wordt u opgeschrikt uit uw frivole gedachten door een onverlaat, voorzien van een weelderige haardos, die verdacht veel lijkt op, en eveneens geurt naar, kunstmest, die u net iets te enthousiast aanklampt.

U kan nog net de met aarde besmeurde handen ontwijken, maar het is te laat om te ontsnappen aan het groene monster. Voor u het goed en wel beseft, wordt u bedolven onder de stapels geplastificeerde folders, uiteraard van gerecycleerde papyrusvellen, met afbeeldingen van, terminaal zieke boompjes. Wanneer u dan ook nog overspoeld wordt met een uitleg, voorzien van een geitenkaasadem en bietensapspetters die weelderig doorheen haar rottend gele tanden vloeien, is uw zin om de wereld te redden net eventjes verdwenen als sneeuw voor de zon.

Het is dan ook niet onze schuld dat de wereld vergaat, maar de schuld is vaak te zoeken bij de groene knakker zelf.

In Canada bijvoorbeeld, het paradijs voor schone lucht en geile wasberen, is er recent een waar milieuschandaal opgelost. Jarenlang zocht men tevergeefs naar de oorzaak van het vervuilde water van Vancouver Lake. Uiteindelijk ontdekten de inspecteurs van het staatsagentschap voor milieuzaken de oorzaak: hun eigen kantoor. Blijkbaar werden hun verteerde maaltijden jarenlang opgestapeld in dit prestigieuze meer. De schaamte en de vernedering was dusdanig buiten proportie, dat het gat in de ozonlaag er makkelijk mee gevuld zou kunnen worden. Over groen lachen gesproken…

Wat is nu de moraal van dit verhaal: wilt u de wereld écht redden, lees dan dagelijks de blogs van Vingerhoets & De Vynck op Zwaffelijzer. En vergeet niet: red de blobfish!

Gegroet.





Overpoort

14 04 2009

Zoals zowat elke enthousiaste student plegen uw twee favoriete bloggers al eens een duik te nemen in het uitgangsleven. Waar één helft van Zwaffelijzer zijn gading zoekt in het Antwerpse, gaat de andere op zoek naar nachtelijk vertier in het Gentse, stad van de Vooruit, de Culture Club en de Overpoort.

‘Overpoort?’, hoor ik u vragen. De Overpoort is dé uitgaansbuurt te Gent en wordt gesitueerd tussen het Sint-Pietersplein en het beruchte Citadelpark. Wat kan er zoal bewonderd worden in deze interessante omgeving? Welnu, het gaat hier om een verzameling wanhopige wannabe players; dikkerds met teveel okselzweet; zatte juffrouwen die kotsen in de goot; stiekeme fietsendieven; en nog zoveel meer.

Tja, de meeste Overpoort-gangers zijn van het genre dat een lief tracht op te scharrelen in één of ander gezellig etablissement. Vooral de Decadance is een hiertoe uitgelezen plek. Uren aan een stuk dezelfde muziek waarop velen bizarre dansjes produceren. Ooit zag ik er thans een koppeltje mekaar binnendraaien gedurende 2 uren. Tonggeworstel van de bovenste klasse! Dit alles gebeurt onder het toeziend oog van een kleurling van 2 meter en 150 kg, waar je uiteraard geen ruzie mee wilt zoeken, of je zou wel eens buitengetrapt kunnen worden richting het studentenhome dat aan de overkant staat.

Een ander populair danscafé is de Cuba Libre, waar plaatsgebrek en een voortdurende zweetgeur doch enigszins de pret kunnen bederven. Opvallend wordt daar zeer geregeld muziek van Coldplay gedraaid. Coldplay godbetert! Het moet niet veel gekker worden. Wat wel in het voordeel pleit van ‘de Cuba’ is de gemoedelijke sfeer: geen hooligans die hun leeg glas in je gezicht stuk gooien, wat toch een prettig gevoel van veiligheid betekent. Af en toe passeert wel eens de klassieke Techtoniker, voorzien van smetteloos wit t-shirt, impressionistisch geïnspireerd kapsel en vastgeroeste lachspieren, doch een kniesoor die daar op let.

Kom allen daar naar toe zou ik zeggen! En voor wie honger heeft: frituren en pita’s in overvloed. Wees wel op uw hoede: de politie staat vaak aan het einde van de Overpoort toe te kijken op eventuele eetrestjes, en uiteraard op een bende knappe grieten, die al te graag met een mini-rokje verschijnen tijdens deze toch redelijk koude periode.

Voor wie zich niet meer kan bedwingen bij het aanschouwen van al dit fraais is er vlakbij, zoals reeds gezegd, het Citadelpark. Al is de kans groter dat u zelf in uw gat gepakt wordt door een homo in regenjas, eerder dan dat u zelf uw gang kan gaan met een verweekte 28-jarige dronken Maria. U weze gewaarschuwd!

Veel plezier bij uw volgende feestje in Gent!





Franse privé-nummers in zeldzame tijden van rust en vrede

16 04 2009

In deze barre tijden is een mens vaak geen rust gegund. Zo was ik een tijd geleden rustig aan het wachten tot de microgolfoven klaar was met mijn maaltijd op te warmen (voor de geïnteresseerden: het betrof ravioli van de Delhaize) toen ik werd opgebeld door een privé-nummer. Met zulke dingen kan ik niet lachen. Dan heeft een mens eindelijk een moment van kalmte, wordt hij opgebeld door één of andere idioot die het niet nodig vindt zich te identificeren. Verveeld nam ik op. Het bleek om een Fransman te gaan, die een mij zeer onduidelijke uitleg gaf. Dat krijg je ervan als je je Frans 2 jaar lang niet onderhoudt.

Eerst dacht ik dat zijn betoog over een wagen handelde. Daar ik geen rijbewijs bezit, laat staan een auto, meldde ik hem dat hij een verkeerd nummer had ingetoetst. Enigszins op zijn pik getrapt ging hij echter verder met zijn uitleg. Al gauw had ik in de mot waar hij het over had: wijnen. Zulk een gesprek had ik enkele weken ook al gevoerd. Wat is dat toch met die Fransen en hun wijnen? Hebben ze daar nu echt niks beters te doen, zoals bijvoorbeeld relletjes met jongeren oplossen, of hun voetbal terug op een fatsoenlijk peil te brengen? Nee hoor, het enige wat hen interesseert is zoals een imbeciel op druiven stampen in de hoop daar iets drinkbaars uit te puren.

Ik deelde hem mee dat ik geen fan was van wijnen, waarop mijn Franse copain vroeg ‘of ik bang was?’. Jongens toch, ik bang van wijnen? Enigszins verbaasd zei ik hem geen tijd te hebben voor deze kwestie, waarop hij algauw ophing. Zo, dat was ook weer gebeurd. Intussen was ik wel behoorlijk opgefokt door dat hele gedoe omtrent wijnen, Frans spreken, en privé nummers. Waarom kunnen mensen mij gewoon niet met rust te laten, in plaats van mij lastig te vallen met hun oninteressante beroepen of hobby’s?

Terwijl ik mijn maaltijd aan het nuttigen was (‘Was het lekkere ravioli, mijnheer de blogger?’ ‘Ja, dank u, beste fan.’) bedacht ik dat het misschien toch eens tijd werd om eens vriendelijker te worden tegen Jan en alleman. Minder dan een week ervoor had ik immers ook al eens iemand met een enquête op beleefde doch kordate wijze verboden mij aan te spreken. Nee, een sympathieke mens ben ik niet echt. Tijd voor verandering!

Anderzijds, zulks is makkelijker gezegd dan gedaan. Beeld je eens in dat je net je arm kwijt bent, je vriendin is ontvoerd naar de hoerenbuurt, en je merkt dat er geen choco meer in huis is; probeer dan maar eens vriendelijk te doen tegen een kloothummel die wilt weten of je ooit al eens fruitsap van één of ander kutmerk hebt gedronken. Geduld is een schone, doch haast onmogelijke zaak. Bovendien, door mijn vermijdende houding kan men mij bezwaarlijk van hypocrisie beschuldigen, wat ik ook een schone zaak acht.

Ach ja, ik heb nog nooit iemand een slag op de neus toegediend, noch heb ik ooit al iemand in het gezicht ‘Idioot’ genoemd. Mocht iemand met een wijnfles naar mij toe stappen, ik zal deze hem niet afhandig maken en recht tegen deze persoon meppen. Zo een vreselijke persoon zal ik dus ook weer niet zijn. Doch ik raad u ten zeerste aan niet bij mij af te komen met uw gezever; een sociaal wezen zal ik nooit worden.





P!LF

17 04 2009

Waar in wereldoorlog twee Adolf Hitler en zijn olijke bende de hele wereldorde het vuur aan de schenen legde en waar in het begin van deze eeuw de moslimterroristen zonder probleem hun saddistische plannetjes konden uitvoeren is het nu, vandaag, een nieuwe schurk die ons, brave burgers, teistert.

Als we Suske&Wiske waren, dan zou deze organisatie onze eigenste Krimson zijn, waren we de smurfen, dan was deze groepering Gargamel die zich verkneukelde om ons onder te dompelen in zijn kokend hete water, vergezeld van fijngesneden worteltjes en ajuintjes.

Doch, wij zijn zwaffelijzer, en de duivel-doet-al die wij aankaarten in deze blog is de NMBS. Aangezien wij vrome, voorbeeldige studenten zijn zonder rijbewijs zijn wij verplicht om onze verplaatsingen op ander e manieren te organiseren. Het openbare treinverkeer is een concept dat hier theoretisch gezien de perfecte oplossing voor biedt.

Helaas, de praktijk is net iets anders. De rode draad doorheen het NMBS-verhaal is wachten, wachten en vooral, wachten. Ellenlange vertragingen werken wachtende pendelaars werkelijk op de zenuwen. Zeker op koude, natte ochtenden die ons, Belgen, niet vreemd zijn. Hoe dikwijls ik wel niet, op zo een koude ochtend, verkleumd en doorweekt tussen de pendelaars in de schaduw van het Suske&Wiske standbeeld binnensmonds heb staan vloeken…

Nu, laat mij even iets heel duidelijk stellen. Een eenmalige vertraging is geen ramp, daar kunnen de heren NMBS wellicht niets aan doen. Maar als ik mijn immens lang klachtenlijstje erbij neem, dan kom ik aan een serieuze hoeveelheid vertragingen en afgeschafte treinen. Deze hoeveelheid komt overeen met het ego van Ben van Mijn restaurant (De Oost-Vlaamse dwaas, voor de weinige mensen in deze samenleving die nog enig zelfrespect genieten en wiens tere hersencellen nog niet aangetast zijn door het VTM-virus) of pakweg de x-factor van La Esterella.

Enige ergernis en irritatie is ons dan ook niet vreemd als het over dit hekel onderwerp gaat. In de volksmond wordt het etiket “nazi’s van de 21ste eeuw” weleens op de NMBS gekleefd. Misschien lichtelijk dramatisch, maar ik begrijp de frustratie. En volgepakte treinen en Nazisme is nu ook een link die je niet bijzonder ver moet gaan zoeken.

Nu ja, veel is hier wellicht niet aan te veranderen, dus zal het wellicht bij een kwade blog blijven om jullie, ons favoriet lezerspubliek, te waarschuwen voor deze demonen. Tenzij we hopen gele briefkaarten ontvangen op:

Rani De Coninck
Medialaan 1
1800 vilvoorde

Dan beginnen we in het najaar op 2BE een serie met Philippe Geubels en Jan Van Looveren, met de welklinkende en beestig originele naam: P!LF: het Pendelaars Liberation Front. Pikant detail, tijdens de afleveringen zal er een terrarium geplaatst worden, waar Rani De Coninck overenthousiast met een pepermolen zwaait. Jacky Lafon zal intussen biertjes uitdelen, als ze deze zelf nog niet heeft genuttigd natuurlijk.

Zwaffelijzer is helemaal mee. .





Mensen

18 04 2009

Wees op je hoede voor mensen. Ik meen het. Uiteindelijk hebben we het hier wel over wezens die de boerka hebben uitgevonden, of die eind maart, begin april 1999 neukten met elkaar in de hoop dat hun kind het eerste werd van het nieuwe millennium, of die 100 miljoen dollar steken in een ruimtereis naar Mars. En dan maar klagen dat ik hen niet serieus neem.

Nee, mensen zijn niet bepaald welkom bij mij. Meer zelfs, als het van mij afhing had ik mijn deur al lang gebarricadeerd, in de hoop dat ze naar de buren zouden gaan om daar hun verhaal te doen over hun laatste zatte cafébezoek, hun opkomende verkoudheid, hun nieuwste epileermethoden, of over de beperkte airconditioning van hun Suzuki Swift. Wat ben ik immers met zulke informatie? Bovendien kan ik thans zelf niet mijn eerlijke ik tentoonspreiden, of het stuit op onbegrip omdat ik de Fixkes vreselijk vind, omdat ik nog nooit in mijn leven naar een voetbalmatch ben geweest, of omdat ik liever lees dan snooker. Nee, geen overbodig gezever bij mij.

Het moge tevens duidelijk zijn dat ik mij niet gauw ga begeven naar een plaats vol van dergelijke wezens, genre Lokerse feesten of de plaatselijke kermis. Desnoods kan ik mij vanop een veilige afstand opstellen om daar de mens te aanschouwen in volle glorie, vandaag dansend en zingend en morgen mijmerend om de haast lege portemonnee. Het risico bestaat natuurlijk dat één of andere pipo mij daar vindt en plots tegen mij begint te verhalen over godbetert het recente optreden van Kommil Foo. Weglopen behoort dan niet meer tot de mogelijkheden.

Mijn god, de stress, paniek, en angst omwille van de domheid en oppervlakkigheid van de medemens. Mensen die tegen iedereen iets zeggen over hun nieuwe horloge, mensen die continu aftellen naar het weekend, mensen die ongemeende nieuwjaarswensen meedelen, mensen die homoseksuelen geen mannen vinden, mensen die brieven schrijven naar de cast van ‘Thuis’, mensen die naar buiten kijken en alleen maar denken aan het weer, mensen die overbodig zijn.

Geef mij maar mijn deugddoende avondwandeling in rustige straten, slechts zelden gestoord door een medewandelaar met schijtende hond of een auto die besluit onze dierbare lucht nog wat meer te vervuilen. Aldaar kan ik nadenken over wat een prutsers mijn soortgenoten zijn, terwijl de wind mijn haar overhoop gooit en ik de kou inadem. Verderop het overdonderende geluid van een voorbijrazende trein, hier de geur van gemaaid gras. Ginds het mooiste huis van de stad, nu het ervaren van de warmte van mijn jas. Kleine dingen. Allemaal dankzij de mens. Maar de mens zelf is er nu niet, behalve deze onnozelaar hier die eventjes een schijnbaar eeuwigdurend moment van geluk beleeft. Geen mens die daar tegenop kan.





Pokerface

20 04 2009

Het rijtje aandachtshoeren is aangespekt. In navolging van Kale Britney, Lesbische Lindsay; ongelooflijk achterlijke Paris, Alles bloot- Lily en Cokereservoir Amy Whinehouse is het nu de beurt aan Lady Gaga.

Deze jonge blonde wulpse deerne komt geregeld in opspraak door haar extravagante looks en haar suggestief, seksueel gedrag.

Nu ja, extravagante looks, daar willen wij toch ook iets over kwijt. zoals wij, van zwaffelijzer, zijn fervente supporters van originele uitingen van de persoonlijkheid, kijk maar naar onze literaire lofzang over de e-lebrity Boxxy. Maar de tecktonikstylishputasletlog, overgoten met een spacy-sausje kan er bij ons net niet in.

Maar we zijn hier niet om te ouwehoeren over haar uiterlijk. Waar we het dan weer wel over gaan hebben is over haar nieuwe clip. De jongens en meisjes van het Australische Channel 10 vinden dat haar nieuwe videoclip net iets té suggestief zijn. Nu wij hebben de proef op de som genomen, en onze meesterbreinen bestookt met de beelden van de blonde verschijning. Wij doen dit niet zomaar, neen, wij doen dit voor u!

Nu wij snappen niet goed waar Channel 10 seks ziet. Het feit dat een blondine met, oké eerlijk toegegeven, een behoorlijk aangenaam lichaam, in een nauw aansluitend badpak kweelt van “I wanna take a ride on your disco-stick” en zich daarbij gewillig laat bepotelen door drie bonkige negers, terwijl ze met haar benen wijd open ligt, doet ons nu niet direct aan seks denken. Eerder aan het Belgisch kampioenschap volksdans of iets dergelijks. Ach, we laten u beter zelf oordelen.

Lady Gaga, een wijze raad: als je naar de Aussie’s gaat, best je pokerface eventjes opzetten.





De wekker

23 04 2009

Een tijd geleden kreeg ik een wekker van mijn ouders. Al met al was ik blij met het gebaar, en dat terwijl ik niet bijzonder aangetrokken word tot de wereld der wekkers. Dat vroeg opstaan middels een imbeciel apparaatje dat een enorm lawaai produceert op een vast uur, daar doe ik niet aan mee. Zeker niet dit semester, nu ik elke dag ten vroegste om 13u les heb. Les volgen aan de Universiteit Gent, het is een aanrader!

Maar goed, die wekker dus. Het is op zich nog wel een mooi ding, grijs met oranje knopjes. Persoonlijk vind ik dat een mooie combinatie, grijs met oranje. Zo heb ik een fraai t-shirt met lange mouwen waarvan eenieder beweert dat het mij uitstekend past, wat ik uiteraard telkens weer genoegzaam beaam. Met het design van dat ding zit het dus al snor. Hoe werkt het nu voor de rest? Wel, aan de rechterkant vindt men de analoge klok en de mooie oranje knopjes, terwijl de linkerkant bestaat uit een halve cirkel, die een lamp moet voorstellen. Het principe is simpel: een half uur voor de wekker daadwerkelijk is ingesteld, begint die lamp te schijnen, met een hoogtepunt op het ingestelde moment zelf. Aldus krijgt men een rustige wijze van ontwaken.

Nu dient wel gezegd te worden dat mijn ouders diezelfde wekker hadden gegeven omdat ze niet naar behoren functioneerde. Welk een onvriendelijk cadeau! Blijkbaar besloot dat ding op willekeurige uren te gaan schijnen, met als gevolg dat mijn moeder geregeld om 3u ontwaakte, als gevolg van het schijnen van die lamp. En zulke spullen krijg ik dan! Mijn beslissing was snel gemaakt: de wekker mocht op de kast staan, maar dan zonder stekker in het stopcontact. Met als gevolg dat dat ding daar maar stond, zoals zovele zaken in het leven enkel maar bestaan en niets anders.

Onlangs echter smolt mijn hart bij het aanzien van deze werkloze wekker en besloot ik het een kans te geven. En inderdaad, ik werd wakker gemaakt op een veel te vroeg uur, doch nazicht bewees dat ik zelf dat uur zo had ingesteld, dus stiekem was het mijn eigen schuld. Wat jammer, ik lag net zo mooi te slapen, met veel interessante gedachten zoals: Jessica Alba mag zoveel zeggen als ze wil, de meeste mannen denken aan iets heel anders als ze haar mond opent; het is opvallend dat de mens inclusieve disjuncties sneller begrijpt dan exclusieve disjuncties; Tubeke zal zonder twijfel degraderen uit de eerste voetbalklasse; en zoveel meer.

Echter, de wekker is niet zo onschuldig als ik dacht! Zo was ik een paar dagen geleden rustig aan het studeren aan mijn bureautje toen die verdomde lamp besloot te schijnen rond 18u. Wat is me dat nu? Al gauw lag de stekker weer op de grond, en deze keer hoeft men niet te hopen dat deze gauw weer in het stopcontact verdwijnt. Streng maar rechtvaardig bega ik mij door het leven, of het nu tegenover een wekker, een postbode, of een terrorist is. Als die wekker niet wil luisteren naar mij, dan is dat zijn probleem: zijn kans is geweest.

Nee, wekkers, ze zijn niet aan mij besteed. Is het wel zo gezond om elke dag op plotse wijze wakker te worden, om vervolgens nog half groggy naar de werkplaats, klas, of aula te vertrekken? Geef mij maar de natuurlijke wijze van ontwaken, liefst van al begeleid door een prachtige ochtendzon. Wakker worden is mooi, maar doe het goed.

Slaapwel!





Rundsvlees: verser dan vers

27 04 2009

In Ierland zijn de ochtendlijke boodschappen vreemd uitgedraaid voor enkele supermarktbezoekers. Terwijl enkele dorpbewoners gemoedelijk inkopen deden ging de automatische schuifdeur plotseling open voor een wel heel aparte bezoeker: een stier.

 Het briesende wildebeest rende naar binnen en baande zich een weg door de winkelgangen. Menig bezoeker schrok zich een hoedje bij het aanschouwen van dit niet alledaags tafereel. Her en der moesten de dorpbewoners wegspringen voor de aanstormende stier en er werd zelfs een hulpeloos tomaatje vertrappeld.

Deze actie zou best wel eens een actiestunt voor Jupiler geweest kunnen zijn, maar wat voor baat zou een Belgisch, weliswaar nobel, biermerk kunnen hebben bij een dergelijke stunt in het land der groene kabouters.
Een promostunt van de supermarkt zelf dan? Om de versheid en de kwaliteit van hun rundsvlees aan te prijzen? Neen, helaas, het was simpelweg een losgeslagen stier uit een nabijgelegen weiland die zijn ochtendwandeling buiten de prikkeldraad had verdergezet. Dit alles ten koste van een hulpeloos tomaatje.

Tomaatje, Zwaffelijzer denkt aan jou.





Influenza Mexicana

28 04 2009

Er hangt iets in de lucht, dames en heren, en het is voor de verandering eens geen afgeketste Fortis-deal. Neen, het is de Influenza Mexicana! En nogmaals neen, dit is geen gerecht in het restaurant van de zelfingenomen Ben van Mijn Restaurant, dit is een ziekte! En niet zomaar een ziekte. Een pittig, venijnig virusje dat zich intussen heeft genesteld in diverse landen. Zelfs Barack Obama heeft zijn handen moeten wassen na een “verdachte handdruk”. Terroristen worden blijkbaar met de dag inventiever.

Maar dat het menens is, blijkt uit de reeks handelingen die de Mexicaanse overheid heeft gesteld om de verspreiding tegen te gaan. Fitnesscentra, sportclubs, poolhallen, zwembaden, kerken, scholen, theaters, musea en bibliotheken zijn gesloten en restaurants mogen enkel nog afhaalmaaltijden serveren. Her en der worden mondmaskertjes uitgedeeld en dit zorgt wel eens voor ludieke taferelen. Probeert u maar eens reclame te maken voor tandpasta als uw gebit bedekt is met een lap stof.

Nuja, we kunnen hier verder over uitweiden, maar dat heeft misschien weinig zin. Toch denkt Zwaffelijzer aan zijn sadistische medemens en vandaar de volgende link: PANDEMIC 2.

Hier kan u uw eigen ziekte ontwikkelen en laten verspreiden over de hele wereld. Wij hebben de test gedaan en met een virusje genaamd: “Redwan Flikkeria” werd de wereldbevolking teruggedrongen tot de populatie van het eiland Madagascar.

Gegroet, en let goed op: als je een zwijntje ziet vliegen, adem het niet in!





Voetbal

29 04 2009

Even terug naar 10 mei 2008. De eerste match van Club Brugge na de dood van Sterchélé. Meer dan 25000 man staat luidkeels, met tranen in de ogen, ‘You’ll never walk alone’ te zingen. Kippenvelmomenten. Dit is dan voetbal, de religie van velen.

En op zich, waar draait voetbal om? 2 teams van elk 11 man betrachten een bal in het doel van de tegenpartij te krijgen, begeleid door iemand die de wet dicteert. Regels, ze verstoren vaak het spel, maar tegelijk brengen ze er structuur in. Hoe vaak er wel niet discussies volgen, als die man, we zullen hem hier voor het gemak scheidsrechter noemen, plots de bal op een plaats legt die blijkbaar misschien wel iets goed kan opleveren voor één van beide partijen.

Naast de grasmat waar die 22 kerels rondlopen (nee eigenlijk 20, je hebt 2 gasten die blijven staan bij dat doel, om het met hun leven beschermen), is het eveneens een drukte van jewelste. Zie die 2 mannen, vaak in kostuum, wijzen en roepen als was er niets beters te doen op deze wonderbaarlijke aardbol. Vaak is de ene al wat rustiger dan de andere. Voor deze match van anderhalf uur hebben ze een volledige week tactiek aangeleerd aan de 22 kerels op het veld. Blijkt dat sommigen van die mannen toch wel het plan niet volgen! Dat vraagt om bijsturing.

Achter de 2 mannen, die we gemakshalve trainers of coaches zullen noemen, staat een bank, voorzien van een bende jongere kerels, die vaak ongeïnteresseerd kijken naar het spel. Totdat één van de coaches iemand van de bank oproept. Algauw is deze man, we zullen hem wisselspeler noemen, bezig met te lopen naast de lijntjes op de grasmat. Niet veel later wordt één van de 22 mannetjes op het veld verzocht van het terrein te stappen, om vervangen te worden door die ene wisselspeler. Vaak gaat die vervanging zonder morren, soms met een applaus van iedereen, soms met een gezicht dat op onweer staat. Voetbalwissels en psychologie, het wordt tijd dat die 2 eens gecombineerd worden.

Om terug te komen op die scheidsrechter, die blijft maar rondlopen. Af en toe blaast hij op een fluitje, en tovert hij kaarten uit zijn binnenzak. Het zijn er gele en rode. Als hij een rode kaart toont aan één van de spelers, mag deze meteen vertrekken van het veld, zonder vervangen te worden. Vaak gebeurt dat echter niet, en als het zich dan wel voordoet klinkt er vaak een geschreeuw vanuit het publiek, uit protest of uit enthousiasme.

Maar het gebeurt dat datzelfde publiek zich stil houdt, als er niet veel spannends gebeurt op het veld. En dat gebeurt nogal vaak, dat het een beetje saai is op het veld. Geen van beide partijen wil verliezen, want ‘dan zijn de sponsors niet tevreden’. Tja, sponsors. Ze steken geld in een voetbalploeg op voorwaarde dat deze ploeg niet verliest. Sponsors nemen in zekere zin de charme, en vooral het plezier van voetbal weg. Het zijn dezelfde sponsors die echter ook meer spektakel willen zien. Begrijpe wie begrijpen kan.

En toch, toch komen elk weekend weer duizenden mensen naar de plek waar voetbal wordt gespeeld, we zullen ze voor het gemak stadions noemen. Elke week weer willen mensen ongestoord voetbal kunnen zien op tv. En het zijn vooral mannen die zich interesseren in voetbal. Je vraagt je af waarom. Wat is er zo drastisch anders aan voetbal vergeleken met handbal, tennis of hockey? Bij voetbal worden sjaals, toeters, clubliederen en zoveel meer opgevoerd. Ja, een business, maar blijkbaar wel een heel leuke.

Voetbal, het lijkt echt een religie. Zelf ben ik geen grote fan. En toch kijk ik elke keer weer naar de Champions League. Ik weet niet waarom. Weet iemand wél de aantrekkingskracht van voetbal?





De ongelukkigste man ooit

1 05 2009

Laatst zat ik in de trein bij de ongelukkigste man ooit. Zuchtend zette hij zich neer, recht tegenover me. Het hoofd naar beneden, de vettige haren naar voren gekamd, de stoppelbaard reeds 4 dagen onaangeraakt, de fout passende kleren, het verlangen naar meer – of heeft deze man nog wel verlangens in het leven?
Geagiteerd tikte hij vijfmaal tegen het raam toen de trein niet tijdig vertrok. Met bloeddoorlopen ogen keek hij de coupé rond, daarbij zich af en toe vergapend aan een jonge vrouw, om vervolgens weer met zakkende lippen de buitenwereld te aanschouwen. Af en toe krabde hij aan zijn voorhoofd, als schaamde hij zich voor zijn negatieve uitstraling. Toegegeven: de man had haast iets tragikomisch om zich heen.
Wie is deze man? Wat heeft hij net meegemaakt, wat gaat hij zo meteen beleven? Waarom intrigreert deze man me, maar kan zijn lot tezelfdertijd weinig medelijden bij me opwekken?
Toen ik afstapte, wou ik hem een briefje geven: ‘Je bent de ongelukkigste man ooit. Doe er iets aan.’ Ik deed het niet. Wat ik wel deed, was deze man zijn treinrit verder laten zetten. Een rit naar nergens.





Snowball de showball

2 05 2009

Dames en heren, Zwaffelijzer is er weer om u, onze trouwe leesclub, te spijzen met een opmerkelijk nieuwsbericht dat de hele wereld zal veranderen. Vergeet voormalige elebrities zoals Numa Numa Guy, Evil Chipmunk en Star Wars Kid. Boxxy, onze virtuele schat, mag je nog even onthouden, maar er is een nieuwe held op het web: Snowball de kaketoe.

En neen, het is niet omdat in zijn diersoort het alter ego van Laura Lynn verscholen is (en dan hebben we het niet over ‘toe’) dat we hem aanbidden, maar wel omdat deze olijke knakker kan dansen!

Snowball zet al eens graag de bloemetjes buiten, en houdt er van om dan zijn beste pootje voor te zetten. Dit, dames en heren, konden wij u dan ook niet onthouden en daarom plaatsen we Snowball in de spotlight. Kijk en geniet van deze illustere dansvogel. Wij noemen hem voor de gemakkelijkheid, en ook een beetje omdat het een leuk bekkende woordspeling is: Snowball, de showball:

Hoe is deze vogel nu aan zijn goddelijke status geraakt? Oké, toegegeven, het filmpje spreekt voor zich. Maar het is niet omdat het filmpje bestaat, dat iedereen er naar kijkt.

Neen, het feit dat wij, uw Zwaffels van dienst, bij dit merkwaardige fenomeen zijn uitgekomen, is zelfs door wetenschappelijk onderzoek. Ja, u leest het goed, af en toe bezondigen wij ons eens aan wetenschap.

De gerenommeerde universiteit van Harvard heeft onderzoek gedaan naar ritme bij diersoorten. Daarvoor werden meer dan 1000 filmpjes op het net bestudeerd, en nu blijkt dat ritme, dat altijd als een privilege van de mensheid werd beschouwd, ook bij 14 diersoorten en een olifantensoort voorkomt.

De opvolging van Sterren op de dansvloer is in elk geval verzekerd…





Oproep aan de treinreizigers

6 05 2009

Laatst was ik aan het wachten op de trein. Daar zijn wij Belgen zeer bedreven in, naast uiteraard zeiken over het weer, en vloeken op de ondermaatse prestaties van de Rode Duivels. Na een tijd bleek een onverwacht probleem opgetreden te zijn; dat was althans bondig gesteld, wat ik via de luidsprekers van het perron te horen kreeg. Aanvankelijk meende ik verstaan te hebben dat het om een persoonsongeval ging, lees: zelfdoding. Na een half uur de tijd te doden (merk de subtiele humor op) besloot ik de andere helft van Zwaffelijzer op te bellen, voor een geanimeerd en haast hartverwarmend gesprek. Dit verliep ongeveer als volgt:

Oppergod 1: ‘Gegroet!’
Oppergod 2: ‘Eén goede avond, kameraad! Wat bracht jou op het idee om te bellen? Iemand dood?’
Oppergod 1: ‘Zo kan men het wel stellen, vriendschap, iemand heeft zichzelf onder een trein geworpen ter hoogte van Antwerpen- Luchtbal waardoor ik samen met een vijftal andere pipo’s reeds een drietal kwartier sta te wachten op een trein.’
Oppergod 2: ‘Gepest door de medemens, aldus.’
Oppergod 1: ‘Inderdaad, tijd voor actie. Tijd voor de Bond tegen Mensen die Onder De Trein Springen op het Spitsuur!’

Algauw werd er een heleboel gortigheid omtrent gefantaseerd. Zo stelt onze bond volgende ideeën voor:  springen doe je op een maandagochtend, en als het dan toch moet in Nederland, daar zijn ze sinds Koninginnedag toch reeds gewend om mensen te zien rondvliegen…

Uiteindelijk bleek het treinprobleem zich echter te situeren bij een defect treinstel. Een mens zou voor minder onder een trein springen (als deze al rijdt tenminste).
Doch zouden wij van Zwaffelijzer iedereen willen oproepen om sowieso niet onder treinen te springen op ongepaste uren; dit komt weliswaar ons cynisme ten goede maar niet ons humeur!
Dank bij voorbaat.





Poëzie in het Zwaffelrijk

7 05 2009

Op de vooravond van een halve finale in de Champions League, hebben de twee olijke knakkers van Zwaffelijzer niets beters te doen dan via msn, allerlei schunnigheden aan elkaar mee te delen. Overgiet deze schunnigheden en absurditeiten met een heerlijk poëtisch sausje, en je verkrijgt het volgende resultaat:

*

You may well call me a loner
But one can state I am a good lover
Though I’ll never get a boner
From the fake boobs of Louise Glover

*

Vorige maand, in april
werd een handtas gemaakt van een stukje krokodil
teruggevonden in een duiventil
in een dorpje nabij Nashville.
De krokodil in kwestie
was zich van geen kwaad bewust.
hij was tijdens zijn nachtrust
Het slachtoffer van een inzamelactie.

Zijn bil dient nu als liefdesnest
voor twee tortelduifjes
die bij wijze van relatietest
opdagen op fuifjes.
daar zetten ze hun beste beentje voor
en zingen ze gezamelijk in koor:
jij domme krokodil, let voortaan beter op je bil!

*

een Chinees en een afrikaan
aten een spaghetti met parmezaan.
de Chinees vroeg aan zijn kompaan
of hij met hem naar huis wilde gaan,
waarop de afrikaan recht ging staan
en schreeuwde: “ik ben geen homo!”

*

spongebob masturbeert
en absorbeert
zijn zaad
en patrick is zijn kameraad
samen doen ze een spagaat
en likken ze elkanders aars
terwijl ze trekken aan hun flieter
ja, helemaal paars
ziet nu hun dop
want ze gutsen als een gieter
kleine druppeltjes van hun sop

*

Alfred het eendenkuiken
wilde op een dag diepzeeduiken
Hij zou zuurstofflessen gebruiken
maar deze wogen meer dan 20 bierbuiken
waardoor Alfred omviel in een paar doornstruiken.
Nu ligt hij in het ziekenhuis

*

Schip ahoy, tot de volgende keer!





Narcisme

12 05 2009

Het wordt tijd dat we met zijn allen eens gaan toegeven hoe geweldig ik wel niet ben. Ik schrijf blogs als hangt mijn leven er van af, ik studeer elke dag braaf mijn cursus Psychodiagnostiek, ik lach niet met mensen die hun auto pas weten te parkeren na 5 keer draaien en keren en zwoegen en zweten, ik luister naar een vriendin als ze praat over haar bezoek aan een concert van Clouseau, ik kijk niet vreemd naar voorbijgaande Marokkanen, ik eet elke dag mijn 2 stukken fruit, en ik neem telkens vriendelijk de telefoon op als deze rinkelt.

Maar nee, nog steeds geen standbeeld, odezang, Nobelprijs of andere beloningen voor mijn fantastische ik. Verdomme, is er nu niemand die mijn genialiteit onderkent? Uiteindelijk hebben we het hier wel over een toekomstig psycholoog, een begenadigd schrijver, een brave burger, en bovendien gezegend met een vriendelijkheid, humor, en luisterbereidheid als geen ander. Er zijn reeds mensen voor minder in de bloemetjes gezet!

En toch, in de plaats daarvan lopen mensen me straal voorbij, slechts zelden een blik gunnend naar mijn warrige haardos, mijn soms verfomfaaide kleding, mijn serieuze gelaatsuitdrukking, mijn vreemde wandelpas, mijn ietwat brede figuur, en zoveel meer rariteiten. Zucht. Als we eens aan een opsomming van de curiositeiten van deze voorbijgangers moeten beginnen, dan zijn we morgen nog bezig. Maar goed, zulks ga ik niet doen, zo lief ben ik wel.

Goed, ik ben geen Jommeke-geval, die elke dag gaat meehelpen in het plaatselijke bejaardenhuis en meegaat met AZG naar Namibië, maar tegelijk loop ik niemand in de weg. Ach ja, erkenning voor mijn uiterst actieve menslievende activiteiten zal ik alvast niet op deze wijze verkrijgen. Mijn god, wat ben ik een anoniem genie. Doch ik stoor niemand, en dat is ook al heel wat in deze tijden van onderlinge spanningen, hoogoplopende ruzies, en terreurdreigingen.

Hoegenaamd moet ik wel opletten dat ik niet onopvallend dit leven tevens eindig, en dat mijn geweldigheid nooit erkend is geweest gedurende al die tijd. Wie weet is er dan wel een slimmerd die achteraf mijn boeiende persoonlijkheid ontdekt, te laat vergeefs, om dan reclame te maken voor de nu eenmaal geweldige man die ik ben geweest. Zou het dan lukken, dat op mijn begrafenis de hele menigte volmondig zal zeggen: ja, hij was een genie. Over een laattijdige climax gesproken.

Ach ja, er zijn al meer genieën die nooit erkend zijn geweest voor hun genialiteit, en anderen die ten onrechte als briljante geesten worden beschouwd en zo ook worden behandeld. Het is me wat. Zo wordt er thans meer gepraat over Christina Aguilera dan over Piaget. Weet u zelfs dat de spellingscorrector op mijn laptop Piaget rood onderstreept en Christina Aguilera niet? Nu kan ik me voorstellen dat de meesten wel wat anders zouden doen met Christina dan haar rood onderstrepen, maar toch.

Tja, misschien is het zo bepaald, door wie weet welke kracht die zelfs ik niet kan overmeesteren, dat ik eeuwig in de anonimiteit mijn genialiteit moet beleven. Misschien is het wel geniaal om je neer te leggen bij het gebrek aan erkenning. Ja, dat is geniaal. Ik zal me neerleggen bij de adoratie van mezelf, en mijn god, wat adoreer ik mezelf ook. Weg met openlijk briljante mensen en genialiteit! Lang leve mijn verhulde superioriteit.





Voetbal (2)

15 05 2009

In tijden van blunderende Noorse kaalkoppen die in de functie van scheidsrechter een grasplein onveilig maken en waarin een Nederlander advocaat van de duivels mag spelen, gaat uw literaire dienaar op verzoek van anderen een voetbalmatch zien, op wat men gerust amateuristisch niveau zou kunnen noemen. Het betreft hier een wedstrijd tussen een studentenvereniging en een onnoembare, haast mysterieuze bende. Zie hen daar staan op het plein: alle 22, mannen en vrouwen, groot en klein, en uiteraard jong en vrij dun; kwestie van toch te discrimineren.

Hollend achter de bal die ze betrachten in het doel van de tegenstrever te krijgen, onderwijl lachend en vloekend, verdedigen ze de eer van hun respectieve… zelf, in feite. De fanschare was tevens redelijk beperkt; men heeft het hier over een bende studenten die op deze bewolkte dinsdagavond liever supportert voor 11 man in oranje t-shirt, dan hun neus in de toch wel talrijke en dikke boeken te steken die een gemiddelde 20-jarige tegenwoordig voorgeschoteld krijgt. Evenzeer opmerkelijk was het feit dat slechts 1 partij een fanclub had meegekregen; de tegenstrever moest het doen met aanmoedigingen van de eigen ploeggenoten. Daarnaast hadden zij ook geen wisselspelers, terwijl de populaire bende kon rekenen op liefst 10 enthousiastelingen naast de lijn.

Doch bijzonder aandachtig was de fanschare niet, waardoor uw dienaar enkele goals diende te missen. 6-1 stond het bij de rust, in het voordeel van de ploeg waar ondergetekende voor supporterde. Vervolgens besloot hij naar huis weder te keren, alwaar hij zijn oog wierp op de werking van verscheidene theorieën van klassieke conditionering. Intussen werd het 7-4 in de match, doch geen zwaffelijzer-blogger die daarnaar kraaide. Deze was namelijk intussen bezig met een verheven gesprek met zijn onderbuur over Fanta zonder bruis. Lang leve voetbal.





Love Land.

18 05 2009

Politiekers ruziën lustig verder, 1 miljoen Belgen bewonderen via een webcam een slijmende olifantenkut en leraren metselen springen creatief om met het didactisch materiaal. U merkt het wellicht zelf al, het leven gaat zijn gewone gangetje. Desalniettemin toch 1 opmerkelijk nieuwsfeit:

In China is immers luid protest ontstaan naar aanleiding van het themapark Love Land. Dit attractiepark heeft als thema: seks. Reden genoeg dus om hier een blog aan te wijden. Wij gaan ons echter niet laten verleiden tot eenvoudige woordspelingen als Sex Flags of tot het uitweiden over de al dan niet dubbelzinnige naam PLOPsa Land.

Neen, wij van Zwaffelijzer gaan onze fantasie op constructieve wijze gebruiken om hier een uiteenzetting te geven over de verschillende topattracties die er in ons seksueel getint themapark zouden staan. Misschien lichtelijk infantiel volgens sommigen, goed gevonden volgens anderen,maar Zwaffelijzer voor iedereen. Een overzicht:

Onder de noemer Thrill rides, hebben we twee toppers:

Dildo Extreme: een wilde rit in een trillend wagentje doorheen nu al legendarische hindernissen zoals het Woelige Schaamwoud, en zeker niet te vergeten de diverse Vaginale Meren. Wie blijft droog na een onstuimige tocht richting de magische stad Vulva?

Sperm Mania: Altijd al willen weten hoe het is om een tegen een enorme snelheid uit een penis te vliegen? Het kan in onze gloednieuwe attractie. Je wordt aan een duizelingwekkende snelheid uit een eikel geknald, om vervolgens met een rotvaart langsheen allerlei smalle paden te belanden in een bad vol vaginale sappen. Geen schrik, een wit beschermingspak zorgt ervoor dat je niet in aanraking komt met de sappen.

Uiteraard hebben we ook een gigantisch spookhuis. In een duplicaat van de Playboy Mansion worden jullie grootste angsten uit de slaapkamer werkelijkheid. Ben je mans/vrouws genoeg om het op te nemen tegen de Butt Plug Butcher, de Menstruatiemaniak  en Bart De Wever?

Er zijn nog talloze klassieke attracties zoals “anusballetjes werpen”, “Zaadje schiet” een “parenmolen” en een enorm luchtkussen, opgeblazen met Flatus Vaginalis.

Maar we zijn een gezinspark, dus ook voor de kleine knakkers onder ons is er entertainment voorzien. Een alternatief voor het ballenbad is aanwezig, opgevuld met sponzige borsten, maar vooral de spectaculaire shows van Pietje de Paarsgepoepte Penis en zijn kameraadjes zijn een absolute must. Tussen de shows door paradeert Pietje trouwens doorheen het park, zodat je samen met hem op de foto kan. De organisatie is echter niet verantwoordelijk voor eventueel spuwgedrag van Pietje jegens jonge kindertjes.

In het openingsweekend is er trouwens een uitzonderlijke actie. Doorheen het park lopen vier verschillende jongedames. Met verschillende huidstinten en uit verschillende leeftijdscategorieën. Ze zijn voorzien van een speciaal merkteken. Vind ze, bedrijf er de liefde mee, en degene die het eerst aan de hoofdingang terugstaat met de vier soa’s krijgt een opmerkelijke prijs.

Tot gauw!





Perronetiquette

24 05 2009

Zoals de weloplettende, trouwe lezer wellicht al heeft opgemerkt, is het treinverkeer een rode draad doorheen het pragmatisch bestaan van de twee wederhelften van Zwaffelijzer. Uiteraard zijn er de vaste ergernissen zoals het lakse bestuur van de NMBS, de ellenlange vertragingen en onvriendelijke conducteurs. Wees niet bang, die onderwerpen hebben we reeds aangekaart. Desalniettemin willen wij deze gelegenheid aankaarten om enkele wantoestanden in de rand van dit hele gebeuren aan te kaarten. We spreken hier over diverse gebeurtenissen die indruisen tegen de perronetiquette.

Jawel, perronetiquette, het bestaat! Uw wenkbrauwen gaan wellicht pijlsnel de hoogte in bij het lezen van dit woord, maar er zijn enkele universele regels waaraan elke potentiële treinreiziger zich dient te houden. Uiteraard is iedereen reeds vertrouwd met de tafeletiquette, de herentoilettenetiquette, wat een schitterend woord voor scrabble trouwens, en noem maar op.

Maar blijkbaar zijn de perronetiquette niet dusdanig bekend bij Jan Met De Pet, aangezien ik, een onschuldige jongeman in de fleur van mijn pientere leventje te maken heb gehad met regelrechte inbreuken op deze onuitgesproken wetten.  Hier volgt het relaas van mijn verhaal:

Op een zonnige namiddag, trok ik mijn stoute schoenen aan om de trein te nemen naar een briljante jongedame, die ook wel eens als “De Liefde van mijn leven” betiteld wordt mijnentwege. Olijk fluitend dartelde ik gezwind door de zonovergoten straten richting statie. Toen ik de spooroverweg kruiste, na uiteraard voorbeeldig links en rechts gekeken te hebben, sneed een zilvergrijze Mercedes mij de pas af. Achter het stuur zat een norse grijsaard met een zalmroze Tommy Hilfiger polo, op zijn passagier sloeg ik echter geen acht.

Zonder hier verder op in te gaan, zette ik mijn weg voort naar het derde stoeltje, waarop ik andermaal mijn bips nederplantte. Ik hoorde het grint van het perron kraken onder het schoeisel van mijn perronmetgezel. Ik keek eventjes op, zoals het hoort, en keek weer weg. Het ging om een jonge, kortgerokte verschijning. Zonder meer keek ik weg, aangezien zij niets voorstelde in vergelijking met mijn bestemming. De voetstappen stopte, aan het eerste stoeltje, het tweede was immers woest afgerukt door ‘Den Duits’ die indertijd onheil zaaide in onze contreien. Ik keek op, misschien was er mij iets ontgaan en kende ik de persoon in kwestie. Toen mijn blik de hare kruiste, merkte ik dat ze niet zomaar keek, ze staarde. Nu moet u weten, dames en heren, staren doet u niet op een perron! U kijkt heel eventjes, kort, als teken van erkenning en wederzijds respect. Dit leek in de verste verte niet op een korte erkenning, neen dames en heren, het was ontucht! Ontucht zeg ik u! Mocht deze situatie zich voordoen in een conservatieve regio in pakweg Irak of Afghanistan, dan mocht ik de jongedame in kwestie ruw verkrachten tot ze gilde en kermde als een vierjarig, hoestend en pruttelend Mexicaantje met de Mexicaanse griep. Maar.. we zijn in België, en ik ben welopgevoed, dus ik liet het zo.

Ik zette mijn reis in gedachte reeds  verder, vermits mijn vervoermiddel nog niet ter plekke was. Doch merkte ik, vanuit mijn linkerooghoek op dat de jongedame op het eerste stoeltje mij nauwlettend in de gaten hield. Zenuwachtig schuifelde ze over en weer, en af en toe maakte ze zelfs aanstalten om mij aan te spreken. Ik ging hier niet op in.

“Sorry, maar weet gij of den trein vertraging heeft?” Een iet of wat hogere stem dan ik haar had nagegeven, maar toch aangenaam om naar te luisteren, rukte mij uit mijn droomwereld. Ik was verbaasd. Verontwaardigd zelfs. Mijn zintuigen namen een goedkope openingszin waar, dat bleek uit het vervolg.

“Neen,” antwoordde ik beleefd en nuchter, “ik denk het niet. Voor deze ene keer.”

Oké, ik geef toe. De ludieke ondertoon van mijn laatste vier woorden zorgden ervoor dat de deur op een kier geopend werd. Ik was mij daar echter niet van bewust tijdens de uitspraak ervan, aangezien ik in een enthousiaste en sociale roes verkeerde. Ze lachte.

Ze begon door te vragen. Of ik vaak de trein nam. Waar ik naar school ging. Wat je daarvoor moest kunnen. Wat ik daarmee wilde bereiken. Ze schoot haar vragen alsof ze een doodseskader van Belgische F16’s was dat Tora Bora bombardeert. Oké, ik antwoord hier elke keer op, gegeven het feit dat er nog lang gewacht moest worden, maar ik antwoordde beleefd en vriendelijk, zonder haar enige aanleiding te geven om mijn levensverhaal te ontdekken. Maar ze haalde heel haar sociale trukendoos boven om het praatje in gang te houden. Op zich volgt ze hier een ongeschreven regel. Small talk om de tijd te doden is immers toegestaan. Het is echter de manier waarop ze het opende, en waarop ze doorging dat niet echt door de beugel kon. Op het eerste gezicht lijkt dit een gewone vraag: “Sorry, weet gy of den trein vertraging heeft?” Maar bij verdere analyse merken we dat dit alles doordacht en veel te familiair is.

”Gy” jongedame, ik ben bijna 20, u 15, ik schrijf blogs voor Zwaffelijzer en u spreekt mij aan om inlichtingen in te winnen. U noemt mij in een dergelijke situatie alles, behalve gy!
We draaien de tijd enkele maanden terug, ik sta in Antwerpen-Centraal, een Indiër komt naar mij en vraagt: “Excuse me Sir, Where can I buy tickets?”. Sir, mooi. Dat streelt mijn ego, ik ben bereid te antwoorden.
Andere situatie, een week voor het spijtige voorval met de jongedame. Een oud grootmoedertje heeft geen balpen bij. “Sorry meneer, hebt u misschien iets om te schrijven.” Meneer en u. ook mooi. Maar gy?
Ik zal u zeggen wat ze wou. Door een familiare en ietwat platte toon te hanteren, creëert ze een vertrouwelijke band, waardoor ik volgens haar zou moeten antwoorden. Plus het feit dat ze er, objectief gesteld, niet slecht uitzag wil zeggen dat ze met zo een vraag de aandacht onmiddellijk naar haar uiterlijk plaatst. Zij wil dat het mijn ego streelt dat een frisse verschijning als zij, mij aanspreekt, zodat het gesprek op gang komt. Regel overtreden dus. Vriendelijk en beleefd taalgebruik is een vereiste om seksuele losbandigheden niet de vrije loop te geven op het perron.

Het gesprek ging verder, ik dacht, goed meisje, ik zal je gesprekspartner zijn, en wanneer de trein komt, scheiden onze wegen. Zo werkt dat nu eenmaal volgens de regels. Perfect voorbeeld, ik recapituleer de situatie met het grootmoedertje: “Oma, wat hebt u grote ogen.”

Oei, foutje. Dat is een ander verhaal. Neen, dus het grootmoedertje: We hadden een korte, oppervlakkige conversatie. Toen de trein aankwam, bedankten we elkaar voor het gesprek, en zij stapte in een andere coupé op. Voila, zo hoort het. Maar neen, ik open de deuren van de intussen gearriveerde trein, ik zet mij neer. Plots merk ik, dat iemand naast mij komt zitten. NAAST mij, stel het u voor, waarde lezer. Een bijna volledig lege coupé, tegenover mij is een zetel vrij, voor drie personen, of twee als er één dikke vrouw bij is. En toch wordt er naast mij een plekje ingenomen. Dat zijn twee regels, direct overtreden! De coupé-regel, die zonet reeds aan bod is gekomen, en het feit dat je nooit, of te nooit naast iemand gaat zitten als er elders een lege zitplaats is! “ik kan niet tegen achteruit rijden” lacht ze het voorval weg. In godsnaam, De hele trein is zo leeg als het hoofd van Ben Crabbé!

Helemaal verontwaardigd zet ik mijn reis verder, uiteindelijk kan ik de jongedame afschudden in de metro. Nog lichtelijk in paniek bel ik aan bij mijn geliefde, mijn hart bonst nog steeds in mijn keel. De deur gaat open en daar staat ze, mijn geliefde, mijn muze. Ze kijkt me aan, met haar lieftallige blik. Ze ziet dat ik een zoveelste openbaar vervoerschandaal heb meegemaakt. Ze vraagt erachter.
“ik ben geplayed in de trein!” Zeg ik haar. Ik voel me vuil. Eventjes slik ik de bittere pil door en dan doe ik haar mijn verhaal. “Wat?!” antwoordt ze geagiteerd, “Wacht als ik die tegenkom, ik zal ze!”

Haar fijne oogjes schieten vuur, haar poezelige handjes vormen zich om tot gebalde vuisten. Een schande is het dat ik, haar vriendje, het slachtoffer is geworden van zo een, het moet gezegd, sloerie. “Ooh echt, dat ze haar borst maar nat maakt!” Eventjes lijk ik hiernaar weg te dromen, maar dan kijk ik weer naar haar, mijn geliefde, en ik zie hoe ze het vervolg van haar zin binnensmonds uitspreekt: “want niemand, nee niemand, overtreedt de regels van de perronetiquette!”

Ze slaat haar armen rondom mij, zoals alleen zij dat kan en ze geeft mij daarbij het heerlijkste gevoel aller tijden. Dit is hét gevoel waarvoor ik nog veertien extra treinritten zou nemen met een voltallige coupé tienermeisjes die lak hebben aan perronetiquette. Dit is het gevoel, dat men liefde noemt.





Overgang

1 06 2009

Het is enige tijd geleden dat ik nog eens de liefde heb gezien en heb gevraagd: neem me mee. Tijden van geheimzinnige blikken, innige knuffels, wederzijdse trouw, waar zijn ze naartoe? Kwel me niet, vaak genoeg doe ik dit zelf al. Heb ik jou gekweld? Ja, en nu staan we samen in de kou, zonder kans op een terugkeer naar tijden toen het goed was, toen in feite de hele wereld goed was. Maar misschien is het hier niet slecht toeven, tijden van reflectie en nieuwe kansen komen eraan. Wie weet komen we allebei lieve vreemdelingen tegen die ons meenemen, naar god weet waar.

Zeg het me, verdien ik de warmte? Is het zo niet goed genoeg voor me? Heb ik onterecht verlangen naar meer? Ben ik een belediging voor het vak der liefkozing? Is de eenzaamheid mijn verdiende beloning? Kansen heb ik weggegooid; andere heb ik wel aangenomen en nog steeds weet ik niet hoe ver het mij heeft gebracht. Is dit mijn weg naar meer, de weg naar – ik durf het amper zeggen – volwassenheid, maturiteit, ernstigheid? Is dit de tijd van evolutie, verandering? Zonder iemand om mijn hand vast te houden en die zegt: ‘het komt goed’? Ja, waarschijnlijk. Dit is mijn pad.

Nee, ga je eigen weg. Ga niet je toekomst zoeken, maar maak ze zelf; en dan komt de toekomst jou tegemoet. Het ga je goed. Onze tijd is voorbij; het was mooi en waardevol.

Nu komt er een nieuwe episode aan, misschien wel met een nieuwe Zij, met een nieuw Alles. Of misschien wordt het toch een tijd van een veranderde Ik. Wil ik dat? Ik zou het niet weten, en ik vraag me af of ik het wel wil weten.

Is er daar iemand? Kom, kom in mijn armen en hou van me. Laten we samen de liefde ondergaan.





DJ Talent

2 06 2009

Dat Zwaffelijzer op regelmatige basis zijn trouwe lezerspubliek verwent met opmerkelijke nieuwtjes staat buiten kijf. Vandaag willen wij het met u over een gloednieuw, enigszins opvallend talent hebben, dat opgenomen wordt in de “Zwaffelijzer Eregalerij”, naast onder andere Boxxy, Snowball en Bart De Wever. We hebben het over de spraakmakende entertainer die volgens ons best Britain’s got talent 2009 had mogen winnen: DJ Talent.

De opmerkzame lezer zou kunnen denken dat Steph Goossens opnieuw aan het puberen is, maar neen, dit is de nieuwe rising star in hiphopland. Voorzien van de nodige Bling deinst deze krachtpatser voor niets of niemand terug. Hoewel hij vaak een storm van kritiek oogstte met zijn performance voorzag hij iedereen van een vriendelijk en dolenthousiast weerwoord, dat hij benadrukte met zijn gouden glimlach.

Ondanks zijn aparte verschijning stootte DJ Talent door naar de halve finale door het lovende oordeel van de kritische jury der professionelen. Zelfs de Britse Kris & Yves, het olijke presentatieduo  Ant & Dec werden getroffen door de DJ Talent-microbe.

In de halve finale strandde de torenhoge favoriet echter. Maaaaaarrrr….  niet getreurd, dit wil niet zeggen dat DJ Talent geen potentieel heeft. De charts zullen weldra overspoeld worden door deze superster! Hopelijk maakt hij een dusdanige progressie zodat we ons idool volgend jaar zelfs kunnen bewonderen op diverse evenementen, zoals bijvoorbeeld de volgende editie van de MTV Movie Awards. De voormalige blanke succesrapper Eminem is het daar afgetrapt na een spijtig voorval met Sacha Baron Cohen, en dus zoeken ze daar een nieuwe blanke vedette om het negerwereldje van hiphop te doorbreken.

Wij zijn er trouwens van overtuigd dat DJ Talent deze situatie heel subliem aangepakt zou hebben, door bijvoorbeeld de melodie van zijn aanstekelijke refrein te djembeëen op de blote Bruno billen. Het is dus klaarblijkelijk een kwestie van tijd alvorens DJ Talent plaatsneemt op de troon van de hiphop scene.

Oh ja, voor diegenen die benieuwd zijn naar de uiteindelijke winnaar van Britain’s got talent: KLIK HIER. Maar wat ons betreft, is DJ Talent de morele winnaar. Zet je mondmaskertje dus maar af, en laat je heerlijk besmetten met de DJ Talent- microbe.

Ajuus.





Ode aan de Psychodiagnostiek

4 06 2009

Psychodiagnostiek

Moordenaar van de charme der psychologie
of een heilige genezer der menselijke magie?

Vergezeld door onder meer varimax rotatie
en samengaand met enorme Big Five hysterie

Allerlei afbeeldingen van correlatiepatronen
uitgevonden door evenveel statistische klonen

Teveel focus op betrouwbaarheid en validiteit
en te weinig op fascineerbaarheid en uniciteit

De prof doet onze vreugde nog meer beknotten
waarom kan deze droogstoppel niet oprotten?

Vak van kommer en kwel, verlangend naar het eind
het leren is erger dan de hel, ik krijg hiervan het schijt

Psychodiagnostiek, je bent geen aimabel vak
wat is het nut van deze enorme hoop droge kak?

Psychodiagnostiek, je weet, ik ben niet tevree
En ik heb nog veel minder zin in een deel twee





Zwaffelijzer Eregalerij

8 06 2009

Bij deze grijpen we de gelegenheid om u te informeren en onder lichte dwang te begeleiden naar onze nieuwe pagina:

DE ZWAFFELIJZER EREGALERIJ!

Al onze favoriete absurde persoonlijkheden (en aanverwanten) worden hier verzameld! Neem een kijkje, en remember: Keep on Zwaffeling!





Nieuwe look

10 06 2009

De zomer is nagenoeg weer in het land, hoewel wij daar serieuze vraagtekens bij plaatsen als we naar de talloze regendruppels kijken die lustig neerplenzen op moeder aarde. Toch zorgen wij voor enkele frisse noten in dit ongure Belgische hondenweer met onze vernieuwde look.

Eveneens melden we u, met enige bescheidenheid, dat u vanaf nu ook het profiel van uw twee literaire makkers kan bestuderen op de aan hen gewijde pagina’s. Lees lustig verder en blijf ons in het oog houden, want Zwaffelijzer blijft online!

Met een vriendelijke groet

Thierry De Vynck & Ken Vingerhoets

Tot Zwaffels!





Een moment van al dan niet terechte arrogantie

11 06 2009

Af en toe daal ik vrijwillig neder in de diepere krochten van onze maatschappij, waar Dag Allemaal, Royalty, Lijst Dedecker, en Kate Ryan hoogtij vieren.

Zo werd ik onlangs, wachtend voor één der talrijke spoorwegovergangen die ons land rijk is, aangesproken door een arbeider en zijn kompaan.
En nee, ik kijk niet neer op arbeiders. Wat arbeiders klaar spelen op een dag, kan ik niet op een maand verrichten, en in feite vormen ze haast letterlijk de fundamenten van de bouw van onze maatschappij. Bovendien kan ik geregeld hun eerlijkheid en oprechtheid ten zeerste appreciëren. Goed, iedereen tevreden na deze politiek correcte statement?
Welnu, wat zei deze arbeider? ‘Amai, ne velo? Mag ik hem hebben, homo?’
Enkele kanttekeningen bij deze opmerking:
1. Bizar dat anno 2009 ‘homo’ nog een scheldwoord is.
2. Met zijn oranje fluoscerende broek en geblondeerde haren zag hij er zelf eerder holebi uit, doch geen bezwaren.
3. Nooit geweten dat braaf fietsen enkel voor homoseksuelen was.
Ach ja, uiteraard liet ik deze man doen. De gemene ik wou nog toeroepen: ‘Met 1/10 van mijn toekomstig loon kan jij zelf ook een leuke tweewieler kopen, en daarnaast levenslang alimentatie betalen voor de 2 kinderen van je 17-jarige heroïneverslaafde ex’, maar de morele ik hield dit nog op tijd tegen.

Zo bekeek ik onlangs het geweldige ‘Rate the Video’ op TMF, alwaar Beyoncé haar nieuwste clip toonde. Nu weet ik niet hoe het met gemiddelde heteroseksuele man zit, maar als ik een clip van Beyoncé zie, luidt mijn leuze als volgt: Ogen open en oren dicht. Daardoor kon ik me tevens focussen op de sms’en die de kijkers stuurden, met een rating van de clip.
Eén van de volgende reacties luidde als volgt: ‘Wie dit lieke niet goe vind, is ne nolifer!’
Wederom enkele kanttekeningen bij deze opmerking:
1. Enkele schrijffouten, maar die gaan we hier voor het gemak even vergeten.
2. Ok, uw literaire dienaar is een ‘nolifer’.
3. Nooit geweten dat de mening over een specifieke song bepaalt of men een boeiend leven heeft of niet.
Tegelijk dacht ik ook: ‘Ach ja, de wondere wereld van de puberteit.’ Maar toch, waar is de openheid, en vooral: de goede smaak?

Zo was ik onlangs op een terras, alwaar een licht corpulente vrouw van middelbare leeftijd net te vaak met hysterische stem het woord ‘Amai’ zei, waardoor ik mij walgend van deze horecazaak diende te verwijderen, op zoek naar interessantere zinsleuzen. De stem van Frans Bauer die uit het nabijgelegen café weerklonk, deed dit proces versnellen.

Zo bekeek ik onlangs de verkiezingsuitslag, waaronder de cijfers van Lijst Dedecker. Genoeg gezegd.

Ja, het valt niet altijd mee om mij te zijn.





Luiheid

16 06 2009

Luiheid wordt nog steeds als één der morele zwakten beschouwd. Doch wat kan er mogelijkerwijs mis zijn met op een doordeweekse regenachtige zondagmiddag het volgen van Kuurne-Brussel-Kuurne op de tv te prefereren boven het vervangen van de dakpannen? Uiteindelijk dient er in de week reeds wat werk verzet te worden, en zelfs daar heeft uw literaire dienaar bezwaren tegen.

Tja, men kan stellen dat ik een luie hedonist ben. Enkele basisprincipes uit het leven van de gemiddelde leeftijdsgenoot zijn mij volkomen vreemd. Neem nu de noeste arbeid van het koken. Allereerst dienen ingrediënten te worden gekocht in de supermarkt, waarop men bij de thuiskomt vloekend opmerkt dat het zout vergeten is. Vervolgens dient men het geheel voor te bereiden, waaronder groentjes snijden, wat ik nog steeds één der meest debiele acties vindt die men kan uitvoeren. Heeft de lieve Heer ons daarom vingers gegeven, om ze per ongeluk weer weg te snijden tijdens het fijn snijden van godbetert een tomaat? Nee, ikzelf meen dat vingers hoogstens dienen om de dvd van Bottom in de laptop te plaatsen, om de afstandsbediening van de tv te beroeren, en om allerlei zaken uit te spoken die niet voor publicatie vatbaar zijn.
Maar goed, ik dwaal af. Al met al neemt dit koken, inclusief de waren aanschaffen, groentjes snijden, pannen zoeken, de tafel dekken, en het vlees bakken, een tweetal uur in beslag. En wat blijkt? Een half uur zijn de borden alweer leeggegeten, en dient heel de hoop afgewassen worden. En dan word ik, de niet-kokende luiaard, als vreemde vogel beschouwd.

Ander voorbeeld: vakantiewerk. Deze periode zoeken studenten ijverig naar een werkje tijdens de vakantie. Jawel, studenten, die een godgans jaar klagen over het teveel aan studiewerk, gaan vrijwillig op zoek naar een job. 3 of 4 weken lang gaan ze dik tegen hun zin oninteressante arbeid uitvoeren, in de hoop eventueel ocharme een weekje op reis te kunnen. Om vervolgens in september te melden dat ze niet uitgerust zijn en dat de vakantie gerust wat langer had mogen duren. En dan word ik, de niet-werkende thuisblijvende luiaard, raar bekeken.

Nee, dan verkies ik het luie leven. Kijkend naar de noest werkende mens, intussen nippend van een glaasje limonade, thee zetten is namelijk ook al te veel gevraagd. Zie daar de brave huisvader zuchtend de koffers inpakken voor een weekje aan zee, te veroorloven na 10 maand hard labeur. Zie mij hier gezellig thuis zitten, niet zoekend en niet verlangend naar wilde plannen en bestemmingen. Vervolgens pen en papier grijpend, alwaar ik een tekst maak over de onvermoeibare medemens.

Liefste mensen, blijf vooral zo doordoen want dankzij jullie barst ik telkens weer van de inspiratie.





De verdoemenis van de jeugd.

25 06 2009

Het is niet eenvoudig om een kind in de hedendaagse maatschappij te zijn. Het begint echter allemaal wondermooi. In je eerste dagen heb je reeds contact met het vrouwelijk geslachtsorgaan en knabbel je op vrouwelijke tepels. Doch, dit blijft niet duren… Nadat je poezelige babywangetjes danig op de proef worden gesteld door het overdreven geknijp vanwege de verrimpelde handen van grootmoeder zaliger, en je kleine oortjes veel te vaak de betuttelende ‘akoetsjiekoetsjiekoetsjie’ moeten aanhoren, komt daar niet veel later de verkrachting der ogen bij, en dit dankzij het wonderbaarlijke medium ‘televisie’. Dansende kabouters, pratende honden en wereldreddende vrouwen in roze kostuum worden op je afgevuurd. U weet wellicht allemaal waarover we het nu hebben, namelijk de grootste terroristische organisatie der lage landen: Studio 100

Enkele jaren later dient  een traditioneel gezinsgebeuren te geschieden: de communie. Maanden gaan vooraf aan deze heuglijke zondag omstreeks eind mei. Voor de jongens houdt de voorbereiding onder meer een pijnlijke anus in, te danken aan meneer pastoor. De jonge katholieke meisjes worden dan weer geregeld uitgenodigd voor logeerpartijtjes in de muffe wijnkelder van de buurman van de pastoor, de communie is immers een gebeuren waar heel de parochie aan deelneemt.

Na de daaropvolgende jaren op de lagere school doorworsteld te hebben, alwaar boze juffen en honderden uitstapjes naar de Antwerpse zoo de geest verder verzieken belanden de kleine deugnieten in het middelbaar onderwijs om onder druk van hun leeftijdsgenoten zicht te bezondigen aan talrijke, verderfelijke losbandigheden en sport. De intrede tot bierfestijnen en Clearasil ™ vindt plaats, en wordt extra bemoeilijkt door de nakende identiteitscrisis. De mannen in wording slaan de hand aan zichzelf terwijl de juffertjes in kwestie hun gelaat plamuren. Eveneens vallen ze ten prooi aan de diverse subculturen die nieuwe leden proberen te werven. Snijdende emo’s, verkrachte Simba lookalikes, kaalgeschoren neo-nazis, oranjebruine dragonball Z vogelnesten en nerds. Op school, wordt het populaire kaf van het koren gescheiden en worden ongewenste naaktfoto’s verspreid. Het leven van een tiener is niet van de poes. Velen liggen nachtenlang te huilen in hun bed, op zoek naar sociale erkenning en een vleugje aandacht. Vervolgens vallen ze met bloeddoorlopen ogen in slaap, om ’s ochtends te ontwaken met 56 sterretjes op het gelaat.





Onverschilligheid

1 07 2009

De alomtegenwoordige hitte brengt niet de actieve mens in ons naar boven. Zie daar de druk bezette menigte, voortdurend klagend over werkoverlast, gezinsstress en algemeen tijdsgebrek; zie hen alweder op een terras zitten, waar menig pintje wordt genuttigd en veel onzin wordt uitgekraamd.

Tja, onzin. Af en toe is het beter om rond te kijken en te zwijgen, want vaak is datgene wat men hoort te bedroevend voor woorden. Eergisteren de economische crisis, gisteren de dood van Michael Jackson, vandaag de nakende Ronde Frankrijk. En wie geeft er nu nog een moer om de verdoemenis van onze planeet?

Liever praten we over allerlei zaken waar we menen heel wat van af te weten.
Liever praten we de klok vol over… alles waar over te praten valt.

Nee, af en toe verberg ik me liever in mijn schuilkelder die ik thuis noem. Dat zijn de momenten waar ik het even niet meer aankan. Dure ruimtereizen, varkensgriep, nieuwe culturele evenementen die op stapel staan, herdenkingen van overleden politici, de herfstprogrammering van de VRT, het gat in de ozonlaag,… Geregeld kan het me allemaal gestolen worden.

Maar soms, soms kan het ik allemaal wel verdragen. Dan relativeer ik het, ‘Ieder zijn mening’, en vervolgens staar ik met een dode blik naar de wereld. Is dit het dan? Of ben ik oververzadigd?

 In feite is mijn relativisme niets meer dan een masker voor mijn extreme onverschilligheid.





S.O.S. Zwaffelijzer

19 07 2009

De Tour de France nadert zijn tweede weekeinde, maar wegens de doorgedreven emancipatie van ons vrouwelijk lezerspubliekgedeelte zullen we het daar nagenoeg niet over hebben. Frappant is het echter dat een peloton van 180 paar getrainde coureursbenen het vrouwelijk publiek nauwelijks kan bekoren. Het lijkt immers onlogisch dat een man zou kunnen weerstaan aan de lokroep van 180 welgevormde deernen. Doch, Zwaffelijzer laat deze weg links liggen en kiest resoluut voor het komkommerpad. Want dat deze periode weer is aangebroken, dat staat buiten kijf. Er zijn immers weinig spectaculaire nieuwsberichten te bespeuren. De zwaartekracht dolt een beetje met passagiersvliegtuigen en her en der ontstaat er in verschillende dierenparken nieuw leven. Maar het is vooral opmerkelijk dat het niveau van televisie nog lager zakt dan het dramatische peil waarop het reeds stond.

Spijtig, want het medium televisie zou, mits enige creatieve inspanning kunnen uitgroeien tot één der tijdloze kunsten. Helaas nemen de programmamakers hun vak even luchtig op als een Philadelphia tussendoortje. Mocht u ons omtrent deze materie niet geloven, raden wij u aan om het bijgevoegde filmpje aandachtig te bekijken. Zwaffelijzer nam de proef op de som en verzon een fictieve aflevering van een niet nader bepaald commercieel kookprogramma.

Met dit filmpje vragen we ook aandacht voor de kunst van het barbecueën. Deze vorm van maaltijdbereiding gaat vaak gepaard met overmatig gevloek en ongewenste verwondingen. Dit mag echter niet al te verrassend overkomen, aangezien geduld en voorzichtigheid de voornaamste instrumenten zijn om de barbecue aan te krijgen. En, zo blijkt ook uit onze test, veel mensen hebben minstens één van deze twee kenmerken niet. Geniet ervan, en het wonderbaarlijke gerecht verschijnt weldra ook in de betere dagbladen. Zo heeft Tom Boonen ook eens een rustige dag.





Barney Stinson

20 07 2009

In de zomertijd,
Springt de bok op de geit
Met de benen gespreid
En de penis die glijdt
In de reet van de geit

Deze klassieker uit onze losbandige jeugd ten tijde van de midden jaren negentig klinkt eenieder wellicht alom bekend in de oren. De tekst is misschien des duivels, maar het is een feit dat tijdens de zomer het liefdesspel lustig wordt gespeeld. Vakantievriendinnetjes en –vriendjes worden hopeloos afgelikt en seksueel vertier viert hoogtij. Uiteraard zijn er ook nog de vaste relaties die weelderig hoge toppen scheren en lustzomers meemaken. Moeilijke tijden dus voor de singles die zich ondanks het ruime aanbod van kansen zich op een of andere duistere manier weten te onthouden van het zomerse gevrij.

Single mannen, het blijft een apart fenomeen. Weinigen beheersen de kunst van het verleiden waardoor velen verbouwereerd achter blijven zonder de zoete, sappige vrouwelijke vrucht te kunnen proeven. Maar een enkeling weet met de nodige “tricks & flics” zijn geviseerde targets uit de kast te lokken en er de koffer mee in te duiken.

Een, weliswaar fictief maar desalniettemin schitterend, voorbeeld is de genaamde Barney Stinson uit de wervelende televisieshow: How I met your mother. Simpelweg een ware held voor het mannendom dat de laatste tijd steeds meer het onderspit moet delven onder het juk van de feminisering onzer maatschappij. Barney Stinson, dames en heren, is een ware oppergod dankzij zijn voorliefde voor ongelimiteerd plezier, losbandigheid en pure, onversneden seks. Daarom ook dat een vermelding in onze Zwaffelijzer Eregallerij in acht werd genomen en.. *tromgeroffel* werd goedgekeurd.

Barney is, zoals reeds gezegd, één der schitterende personages uit het geweldige format HIMYM. Een geweldig format? Hoor ik u denken? Oh jawel, ondanks dat we ons in de vorige blog ingelaten hebben met moddergooien naar televisiemakers is een kleine kanttekening op zijn plaats. Er zijn écht nog wel geweldige programma’s, maar velen hebben plaats moeten ruimen voor reality-gezever. Niet iedereen zit immers te wachten op Bert die eindelijk zijn speciale techniek uit de doeken doet om de stoelgang van een tapir op te kuisen. Wij gaan dan eerder voor overheerlijk entertainment dat de lachspieren naar hartenlust traint. Toch onderschatten wij de stoelgang van de tapir absoluut niet en wellicht is Bert een man met een missie die de wereld tot een betere plek maakt voor ons allen…

Jammer genoeg zit Bert niet strak in het pak en ook zijn one-liners zijn net iets minder straf dan die van de eerdergenoemde Barney Stinson.

Een dikke hoera dus voor onze gabber Barney en ook tot Bert richten we ons een laatste keer:





Gentse Feesten

29 07 2009

In de middeleeuwen werden volkse feesten olijk in gang gedanst op het schertsende trompetgeschal van de lakeien van een of andere malafide leenheer. Drank en hoongelach vierden hoogtij en als de avond aanbrak werd er al eens een heks ritueel opgebrand of, als men is goed zot wilde doen, een ketter gestenigd met kiezeltjes die nog steeds terug te vinden zijn op de weelderige wandelpaden van de Kalmthoutse Heide.

De Kalmthoutse Heide, die gekenmerkt wordt door de purperen heideplantjes is trouwens in gevaar. Ditmaal niet door gloeiend hete vuurtongen, maar weliswaar door de larve van het heidehaantje. Deze duistere wezens die met hun doodseskaders regelrecht uit de zwaveldieptes van de hel komen zorgen ervoor dat de fleurige paarse dopheide ros wordt.

En laat ros nu net één van die kleuren zijn, die de meeste mensen niet warm maakt. Maar, toegegeven, ros is actueel, zeker nu de zesde Harry Potter film in de zalen is waarin Harry’s rosse gabber Ronald Weasley, Ron voor de vrienden, wederom een mooie rol krijgt toegediend. Over de film zelf gaan we ons niet uitspreken, maar hij zou barslecht zijn. Toch willen we even melden dat Zwaffelijzer absoluut fan is van de sprekende mimiek van Ron Weasley. Niemand kan immers beter een uitdrukking tevoorschijn toveren die overduidelijk zegt: “Ik ben tijdens Chanoeka ritueel gepenetreerd met een komkommer door drie (oh jawel) rosse  Joden.”

Maar ros is niet het thema van vandaag, maar wel de Gentse Feesten. Want ook al zijn we trotse Antwerpse knakkers, voor u zoeken we het avontuur in de volkse buurten van de linkerzijde. Daarom geef ik u nu het relaas van drie dagen feestvieren in één zin:

Toen Zwaffelijzer neerdaalde in het Gentse feestgedruis werd er tijdens het ontwijken van een vechtpartij lustig gedanst op de foute muziek terwijl het bier rijkelijk vloeide nadat het gekocht was bij de lokale Pakistaan omdat het bier op evenementen steeds duurder wordt en omdat de Taliban toch ook recht heeft op financiële middelen uit onze handen want anders gaat het toch maar steeds naar Tia Hellebaut omdat ze reclame maakt voor de Pizza Hut die trouwens veel te duur is voor wat het is en Gentse psychologiestudenten zijn eigenlijk echt wel oké.

Toegegeven, er zijn kleine dingetjes gewijzigd in de manier van feestvieren, maar de middeleeuwse principes leven nog steeds voort. Heksen opbranden en ketters stenigen is er dan wel niet meer bij wegens te grof en te choquerend, maar negers zijn waardige vervangers, toch?

Voila, meer hoeft er vandaag niet gezegd te worden want ik ga luilekker liggen zweten in de prille avondzon en nagenieten van de Gentse Feesten nu ik weer een frisse kop heb en het bier op weg is naar de Noordzee, of om het met de woorden van één der Zwaffelijzer meest geroemde voorbeelden te stellen: “Heden ben ik nuchter.”





Beestenboel

4 08 2009

Op een dag belde drie Afrikaanse Zulu-krijgers, hun gebruinde lichaam enkel gehuld in een mahoniehouten peniskoker en voorzien van de traditionele oorlogsbeschildering, aan mijn voordeur. Ik was duidelijk verrast, want hoe kan het in godsnaam dat deze mannen mijn deurbel hadden gevonden. In Afrika is er immers geen sprake van een deurbel. Daar wordt er met een uitgerukte cloaca van een vuursalamander door de deuropening gegooid om hoogstaand bezoek aan te kondigen. Vuursalamanders vinden dat dan weer niet bijster aangenaam, en door het ontbreken van een vakbond die de strijd aanbindt tegen het gebruik van een cloaca als aankondigingsmiddel zijn ze niet goed af in de verdorde vlaktes van de eens zo uitgestrekte savanne.

Om mijn sympathie te betuigen aan deze misbruikte creaturen trok ik naar de Zoo, te Antwerpen, om hen een hart onder de riem te steken. Mezelf een weg banend door de horden woeste bejaarden ging ik op zoek naar het gebouw van de amfibieën en de reptielen. Dit klinkt weliswaar niet zo angstaanjagend, maar in de werkelijkheid is dat anders. Bejaarden zijn immers de nieuwe hangjongeren, waar voornamelijk het openbaar vervoer onder lijdt. Lustig in het rond porrend  met hun wandelstokken, en hun naaste medemens overrijdend met hun elektrische rolstoelen zoeken ze zich een zitplaats in de gammele bussen. De frustratie hieromtrent is enorm, en aangezien men een eiland voor de Belgische Kust wil opspuiten, en de bestemming ervan nog niet geheel is vastgelegd…  er zijn mogelijkheden, nietwaar?

Anderzijds, zou dat eiland ook een soort wildpark kunnen worden. Een Belgisch Madagascar waar de dieren in vrede samenleven en nieuwe soorten zichzelf kunnen ontwikkelen. Een plaats waar organen niet worden uitgerukt en waar er ruimte is voor typisch dierengedrag. Want zelfs in een plaats als de Zoo van Antwerpen, waar men het goed voor heeft met onze medeaardbewoners, weent mijn dierenliefhebbershart. Opgehokt in nauwe koten, voorzien van het nodige gietijzerwerk, liggen overvoedde, eens zo schitterende, wezens te slapen. Maar neen, daar heeft geen mens oren naar, want eenieder wil genieten van Kai-Mook, een overhypte lesbische dwerg die zich wegsteekt achter een pilaar en het resultaat blijkt van scheefpoeperij tussen Mama olifant en E.T. Daarom dat ik met mijn verdomd goed uitziende compagnon, de andere dieren de aandacht gaf die ze verdienen. En vooral de vuursalamander was blij om ons te passeren langs zijn terrarium. Weliswaar moet er bij ons bezoek enige kanttekening geplaatst worden. Er was immers geen hart voor handen, dus hebben we hun cloaca uitgetrokken en dat onder hun riem gestoken. Creatief omgaan met context noemt men dat…. moet kunnen, toch?. Hierna trok ik naar huis , om met mijn favoriete wezentje het beest lekker uit te hangen en de moordzuchtige bejaarden heerlijk te choqueren met openbare zeden.





Eeuwige glimlach

5 08 2009

Ik weet niet wat er scheelt met mij de laatste tijd, maar sinds kort ben ik opvallend vriendelijk tegen Jan en alleman. Op vrolijke wijze bega ik mij door het leven, en niets kan mij daarbij storen, ook niet u, Israëlische vrouw, die komt melden dat de Palestijnen moeten worden uitgeroeid. Nee, vrolijkheid boven alles!

Wat is er dan wel gebeurd, beste mijnheer de blogger? Ik zou het niet weten, liefste lezer! Wat ik wel weet is dat mijn vriendelijkheid enorme proporties aan het aannemen is. Zo viel enkele weken een juffrouw pardoes op de grond, vlak voor mijn neus. In plaats van zoals vroeger alle moeite van de wereld te moeten doen om mijn lach in te houden, hielp ik deze keer het meisje haar papieren, die uiteraard mee ter aarde waren geland, te verzamelen en sloot ik af met een welgemeende ‘Gaat het?’ Ongehoord! En het engste van dit alles is dat dit fraai staaltje altruïsme mij geen enkele moeite kostte.

Eenzelfde patroon van goedgemutstheid kan men vinden terwijl ik moederziel alleen achter mijn bureautje allerlei leerstof in dat toch wel aanzienlijke hoofd van mij aan het proppen ben. Wist u dat het velocardiofaciaal syndroom wordt veroorzaakt door een interstitiële deletie op de lange arm van chromosoom 22? Ik ook niet, en terwijl het mij vroeger geen bal had kunnen boeien en ik diezelfde cursus Erfelijkheidsleer bijna in de haard had gegooid, dacht ik nu toch: ‘Dat hebt u mooi gezien, prof M. Laten we met zijn allen hopen dat u later geen interstitiële deletie op de 22q arm ontwikkelt, of één van die andere vreselijke ziektes die u in uw cursus beschrijft.’

Ach ja, als er dan toch iets is dat mij in zekere mate irriteert, dan is het toch wel de paniek die heerst rond de alomtegenwoordige financiële crisis. Wat een heisa omtrent onze lieve centjes! En dat terwijl kort geleden iedereen nog trots verkondigde dat geld helemaal niet het belangrijkste in het leven. Welk een bende hypocrieten. Goed, ik zal ook niet tevreden zijn wanneer mijn spaarcentjes plots in het niets verdwijnen, zo kan ik namelijk nooit de dvd van The Dark Knight, waarin Heath Ledger zo geweldig acteerde, kunnen kopen, maar kom, er zijn ergere dingen in het leven. Neem nu diezelfde Heath Ledger. Zo rijk als de aarde diep is, maar intussen ligt hij zelf onder de aarde. Met andere woorden: geld doet niet leven.

Maar goed, ik laat de wereld draaien, en zal op mijn eentje de mensheid zien vergaan aan valpartijen, velocardofaciale syndromen, pillenslikkerij, en geld. Dit alles doe ik met een eeuwige glimlach op het gelaat. Mijn lachspieren houden het nog wel even vol.